De vrouw uitgeroeid

24 november 2016
Bavo Claes
Een nieuwe dag, een nieuw middagjournaal. De hele week komt dat van schrijver en voormalig VRT-journalist Bavo Claes.
De vrouw uitgeroeid

U had het wellicht van mij niet gedacht, maar ik erger me steeds vaker aan mensen die over taalfouten kankeren. Vooral als ikzelf de kankeraar ben. Het bekende tegengif is: noem het geen fout, maar een element van taalverandering: Jantje heeft in zijn dictee weer een reuzebijdrage geleverd aan de taalverandering. Maar er is een nog veel beter tegengif: juich ook eens een taalfout toe op zijn tijd!

Tijdens de recente Week van het Nederlands ventileerde een redacteur van Vrij Nederland zijn verontwaardiging, omdat niemand aanstoot neemt aan wat hij 'het uitroeien van de vrouw' noemde. Taalkundig dan. Dus dat je zegt: “Zij is schrijver”, in plaats van “Zij is schrijfster”. Wel, dat is nu 'ns een taalfout waar ik blij van word.

Om de vrouwenemancipatie gestalte te geven, zijn de Franstáligen almaar vaker de vrouwelijke vorm van beroepsnamen gaan gebruiken, en als die niet bestaat wordt hij wel gefabriekt, zoals: 'écrivaine', en 'auteure'. Maar ze zitten nu met de gebakken peren, want die operatie is oeverloos.

De Nederlandstalige vrouwen pakken het veel slimmer aan: zij eigenen zich de zogenaamd mannelijke woorden gewoon toe en maken er de facto neutrale woorden van. Wat deze woorden eigenlijk altijd al waren, je zegt bijvoorbeeld: “De verzorger van het kind is in veel gezinnen de moeder.” En toen ik u daarnet met luisteraar aansprak, voelde u zich als vrouw niet buitengesloten, mag ik hopen? Of je zegt ook: “Kristien Hemmerechts is een van de populairste schrijvers van haar generatie” als je haar wil vergelijken met haar vrouwelijke én mannelijke collega's.

Zover ik me herinner is, in al die jaren dat ik op de tv-redactie gewerkt heb, over dit probleem nooit gepraat en hebben al mijn vrouwelijke collega's spontaan voor de neutrale woorden gekozen. Niet toevallig, want in een tekst voor radio of tv telt elke seconde. Je zult het maar meemaken, dat je de kijker moet vertellen dat een delegatie van schrijvers en schrijfsters, uitgevers en uitgeefsters, en boekhandelaars en boekhandelaarsters samen een petitie zijn gaan afgeven op het kabinet van de minister-president, maar dat ze even op de stoep hebben moeten wachten omdat de excellentie nog aan het praten was met een afvaardiging van jeugdwerkers en -werksters, thuisverplegers en -verpleegsters, en bejaardenverzorgers en -verzorgsters...

Ziet u, mijn tijd is om.