"Alles buiten het kader baadt in naaktheid. Een techniek waar ik ook alle nieuwslezers al jarenlang van verdenk"

29 maart 2020
©podlab.be
We kennen Wederik de Backer van zijn radiodocumentaires, maar hij bewijst nu ook columns te kunnen schrijven. Hij trakteert ons in 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig' op een klein luisterspelletje.

Ik zit voor het raamm en ik denk na.
Een column schrijven voor Annemie Peeters...
Alsof het leven in de coronacrisis nog niet stressvol genoeg is.
Constant binnen blijven, shoppen met een timer van dertig minuten, geen
deurklinken gebruiken, steeds vriendelijk en voornaam zijn tegen mijn vriendin
omdat 24 op 24 samen zijn moeilijker is dan gedacht. Moet ik nu ook nog een
gevatte en unieke kijk op de wereld hebben?
Ik! Een jongeman uit het Meetjesland, met een zware lening, een te kleine hond
en een veloverschot?

Ik heb altijd gedacht dat ‘columnistʼ een scheldwoord was. Dat columns iets
was voor wannabe-schrijvers, die geen echte literatuur aankunnen. Eigenlijk
zoals vierde provinciale ook geen topvoetbal is. Maar een wannabe-schrijver,
zonder talent voor echte literatuur: misschien is columns schrijven toch iets
voor mij?

Ik zie vier jongeren samen op één bankje zitten. Een man met een mondmasker
en handschoenen wandelt er in een grote boog voorbij.
Ik zie een kind aan haar hand likken en dan een deurklink aanraken.
Ik zie een vrouw voorbeeldig in haar mouw niezen, maar die mouw vervolgens
met haar andere hand afwrijven. Corona of niet, met kwijl op een mouw
rondlopen is nog altijd not done.

We zijn al meer dan twee weken ver. Alle lang vooruitgeschoven taken zijn
ondertussen uitgevoerd.

Dat éne loszittende stopcontact is gefixt.
De boeken zijn alfabetisch gerangschikt.
Het kruidenrek staat van A tot Z.
Anijs, basilicum, bieslook, cayennepeper, chili grof, chili fijn, curry, citroengras,
Dille, Dragon.

Omdat er veel minder volk voorbij het raam passeert, begint de hond nu te
blaffen op willekeurige huishoudelijke objecten. Daarnet nog, sprong ze recht
uit haar mand, om kwaad te blaffen naar een blauw Marokkaans kussen, dat al
maanden in de zetel ligt.

En ik? Ik ben beter geworden in deuren openen zonder de klink aan te raken.
Schoppen, grijpen, of via een hoekje openpitsen. De klink gebruiken, ben je
gek? Je weet nooit dat er een kind aan gelikt heeft!

Ik kleed me ook niet meer volledig aan. Of alleszins minder. Ik werk nog altijd
voltijds. Dus ik moet maken dat ik tenminste presentabel ben. Ik zorg dat alles boven
de gordel in orde is.
Skype-meetings.
Google Hangouts.
Microsoft Teams.
Facetime.
Whatsappvideoʼs.
Facebook Messenger.

Alles wat van mezelf in het kader past, ziet er normaal uit, alles erbuiten baadt
in naaktheid. Waarom schoenen dragen? Of kousen? Of een broek?
Terwijl ik dit opneem, zie ik er uit als een soort Winnie De Pooh, met niets dan
een rode shirt aan.
Een techniek, waar ik ook alle nieuwslezers al jarenlang van verdenk, Danny
Verstraeten op kop. Hoe kan die man er anders zo gelukkig uitzien?

Wat ik ga doen vanavond?
Het is weekend, dus mezelf eens goed laten gaan. Een fles wijn afwassen voor
we ze op één avond naar binnen gieten. En een zak chips ontsmetten voor het
opendoen. Zoals elke andere avond, eigenlijk.

En dit voor nog eens vier à acht weken. Als ik niet sterf aan corona, dan sterf ik
wel aan verveling.

Wederik De Backer

Beluister de column van Wederik De Backer: 

Lees ook: