“Als we dankzij dit systeem al 500 levens extra kunnen redden, zou dat fantastisch zijn”

24 oktober 2017
In Nederland zijn er 170.000 burgerhulpverleners die binnen 6 minuten ter plaatse kunnen zijn als iemand een hartstilstand krijgt. Daarmee kunnen ze per jaar 2500 levens redden. Dokter Koen Monsieurs, diensthoofd spoedgevallen UZA, hoopt dat we snel dezelfde weg op kunnen gaan. Dat vertelde hij in "De Ochtend".

“De Nederlandse burgerhulpverleners zijn vrijwilligers die een opleiding hebben gevolgd om te reanimeren” zegt Monsieurs. Ze weten ook hoe ze een defibrillator moeten gebruiken.

Hoe werkt het systeem?

Wanneer iemand het noodnummer belt om een hartstilstand te melden, dan verwittigt het hulpcentrum niet alleen de ambulance, maar ook enkele vrijwilligers via een app. Een aantal vrijwilligers wordt zo naar het slachtoffer geleid. Anderen krijgen dan weer de melding om een defibrillator in de buurt tot bij het slachtoffer te brengen. Dat kan bijzonder handig zijn, omdat een ambulance er al snel een kwartier over doet om ter plaatse te zijn.

Is dat veilig?

Kunnen die vrijwilligers wel de juiste inschattingen maken? “Je kan niets verkeerd doen als je gaat reanimeren” zegt Monsieurs. “Alles wat je doet kan maar helpen om een leven te redden.”

De vrijwilligers krijgen bovendien een opleiding, “dus dat is toch wel een garantie dat ze de technieken goed gaan toepassen.”

In Nederland kan men op die manier 2500 levens redden. In België liggen de cijfers anders:

In België zijn er ongeveer 10.000 hartstilstanden per jaar. Slechts 1000 mensen overleven dit. Als we dankzij dit systeem al 500 levens extra kunnen redden, zou dat fantastisch zijn.

Voorlopig hebben we in België nog geen dergelijke app, maar er loopt wel een proefproject in Hoogstraten. “Ik hoop dat het positief uitdraait” besluit Monsieurs.

Meer info over het proefproject vind je op evapp.org.

Radio 1 Select