Bavo Claes: "Vroeger waren we onderdanig, nu zijn we opscheppers"

21 maart 2018
Belgen zijn wereldberoemd om hun bedeesde karakter. Maar dat beeld mag volgens Bavo Claes wel eens bijgesteld worden. Hoe onderdanig we vroeger waren, zo zelfingenomen zijn we vandaag, volgens hem. Zo betekende 'op de borst kloppen', vroeger het tegenovergestelde van wat het nu betekent. En mocht je aan zijn woordkundige kennis twijfelen, het zal je niet verbazen dat Bavo Claes tien woordenboeken heeft.

Beste luisteraar, ik wed dat u zich van tijd tot tijd op de borst klopt. De vraag is alleen: hoe doet u dat? Slaat u met een klein handgebaar op uw borstbeen, zoals de tollenaar in de Bijbel die spijt heeft van zijn zonden? Of roffelt u met beide vuisten op uw ribbenkast, zoals de gorilla die toont dat hij de sterkste is? De gebaren zijn zowat elkaars tegenpolen, dus u zult tussen beide moeten kiezen, ook als u zich alleen figuurlijk op de borst klopt. Ik ben dominee Gremdaat niet, maar zou het kunnen dat de eerste geste, het ootmoedige bekennen van je zwakheden, de jongste decennia erg uit de mode is geraakt? En de tweede, het pochen op de eigen voortreffelijkheid, erg in de mode? Zo overdreven onderdanig als we vroeger waren, zo opschepperig zijn we nu.

In het historische Woordenboek der Nederlandsche taal, dat tot begin 20e eeuw reikt, staat de uitdrukking zich op de borst kloppen voor nederigheid, niet voor zelfingenomenheid. Maar in recentere woordenboeken is het vaak andersom. Ik heb 'ns in mijn eigen boekenkast gesnuffeld en tien woordenboeken daar vermelden alleen het prat gaan op eigen verdiensten; vijf andere gewagen alleen van berouwvolle deemoed; en ik vind er maar twee waar beide betekenissen in staan. Een van die twee, Van Dales woordenboek Nederlands-Engels, koestert trouwens een fris wantrouwen tegen mensen die voor hun fouten uitkomen, want er wordt venijnig aangemerkt dat hun schuldbesef al dan niet gemeend is. Voor blufferige borstklopperij geldt dat voorbehoud niet natuurlijk: wie zijn eigen lof zingt, meent het sowieso.

Geveinsd berouw, hand in hand met ongeveinsde zelfvoldaanheid: dat is de top, als u het mij vraagt. Een gewaardeerd beoefenaar van beide disciplines is staatssecretaris Francken: boetvaardig tegenover de premier, apetrots op Twitter. Maar hij moet toch zijn meerdere erkennen in Donald Trump. Ik herinner me dat die op een keer, aan mensen die hij geschoffeerd had, zijn excuses aanbood met de uitleg dat hij nu eenmaal een spontane prater is, en nog in dezelfde zin noemde hij dat juist een fantastische kwaliteit, want daardoor zou je van hem altijd de waarheid horen! Bewonder dat talent, luisteraar, om rouwmoedigheid naadloos in zelfgenoegzaamheid uit te laten lopen! Ziet u het voor u? De mimespeler die een zachte tik op de borst in één vloeiende beweging transformeert tot zo'n triomfantelijke roffel. Er schuilt waarachtig een zekere schoonheid in.