Cashen na de politiek?

5 mei 2017
Obama, Bill Clinton, Tony Blair en bij ons Luc Vandenbossche en Jean-Luc Dehaene. Allemaal verdien(d)en ze na hun politieke carrière een aardig cent bij met bestuursmandaten, functies in de privé en lezingen.

Valt dat te rijmen met hun vroegere politieke idealen? Of moeten we daar niet verkrampt en afgunstig over doen? Antoon Van de Velde, hoogleraar ethiek en wijsbegeerte aan de KULeuven, vindt alvast dat een voorbeeldfunctie niet kan stoppen na de politiek.

Obama geeft tegenwoordig lezingen waarvoor hij 400.000 dollar vraagt. Zijn echtgenote zou 65 miljoen dollar krijgen voor haar biografie. Schandalig, vinden de Amerikaanse kranten. En ook zijn voormalige partijgenoten vinden dat hij zijn idealen verloochent. ‘Dat is een ander verhaal dan Donald Trump’, zegt ethicus Antoon Van de Velde. Want daarvan wist iedereen dat hij groot geld verdiende als zakenman’.

Het blijft een moeilijke zaak. Politici die tijdens hun carrière opkomen voor ‘de gewone man’ en na hun carrière kiezen voor het grote geld. Het bevestigt –zo zegt Vandevelde- het idee dat mensen uit klassieke establishment het contact met de burger verloren zijn. En daar wordt dezer dagen gretig op ingespeeld door populistische partijen en figuren zoals Donald Trump en Marine Le Pen.

We verwachten integriteit van onze leiders, ook als de camera's niet meer draaien

Of je dat kan oplossen met deontologische regels is maar de vraag. Barosso bijvoorbeeld is zijn officiële ‘ontluizingsperiode’ om vervolgens aan de slag te gaan bij de zakenbank Goldman Sachs. Publieke figuren hebben een ethische verantwoordelijkheid en moeten vooral voldoende zelfkritisch blijven, ook na hun publieke carrière, vindt ethicus Vandevelde. ‘Het is normaal dat je na je politieke carrière je vrijheid terugkrijgt of terugneemt. Maar dat ontslaat je niet van je voorbeeldfunctie.’