"Wie zou er in godsnaam met mijn kleren vandoor zijn?"

29 maart 2017
Omdat we nog steeds vinden dat u naar Parijs moet. Want daar loopt een overzichtstentoonstelling met werk van beeldhouwer Auguste Rodin vroegen we aan vier schrijvers om in het hoofd te kruipen van een van de meest iconische werken van Rodin: De Denker. Volgens Herman Brusselmans is De Denker vooral.... zijn portefeuille kwijt.

De Denker denkt: ‘Wie zou er godverdomme met m’n kleren vandoor kunnen zijn? Hoe zat het ook weer?

Ik ging gisteren naar café Le Foulafiette een glaasje absint drinken, ééntje maar, of desnoods twee, om te vergeten dat Sabine, de slet, mij verlaten heeft voor een andere man, een eikel met een horrelvoet dan nog, en die twee glaasjes werden er drie, en vier, en toen besloot ik ermee op te houden, maar m’n vriend, die flikker van een Sébastien, die al jaren verliefd op me is, terwijl hij weet dat ik zo heteroseksueel ben als een kudde wilde bizons, bood me nog een glas aan, en nog één, tot ik zo zat was als een Zwitserse koekoeksklok,

en wat ik me nog ternauwernood herinner is dat Sébastien z’n hand op m’n dij legde en ik sloeg hem tegen de grond, en ik ging een grietje proberen versieren dat op haar voorhoofd een moedervlek had ter grootte van een dienblad, en ik verliet met haar Le Foulafiette, en ik geloof dat ik tot in haar zolderkamertje ben gesukkeld, en van dan af is er een zwart gat.

Het volgende dat ik besefte was dat ik naakt op deze steen zat.

Het ergste is niet dat ik m’n kleren kwijt ben, maar wel dat m’n portefeuille foetsie is, met m’n paardentramabonnement erin, en m’n geluksklavertjevier, en 300 francs, en het briefje waarop Sabine geschreven heeft: ‘Je ’t aime, petit pouffe.’ Ik haat die Sabine ondertussen, maar haar briefje had ik toch graag voor altijd kunnen bewaren.

Enfin, ik zal naar de klerenwinkel in de Rue du Complément gaan, en daar kleren aanschaffen, als ze daar op krediet willen verkopen, want ik heb geen rotte cent meer. Desnoods koop ik een heel goedkope jurk, want eerlijkgezegd, en het wordt tijd dat ik het voor mezelf toegeef: ik heb altijd al een meisje willen zijn. In een jurk, op hakjes, en een kanten behaatje. Ik zo heteroseksueel als een kudde wilde bizons? Vergeet het! Een lekker wijf ben ik, dat geen vent kan gerust laten! Ach, wat heb ik toch rare gedachten.’

Radio 1 Select