"Er is niets anders waar wij het zo grondig oneens over kunnen zijn dan de opvoeding van kinderen"

21 februari 2021
Schrijver en dichter Maarten Inghels zou wel zeven columns per week over zijn pasgeboren dochter kunnen schrijven. Zo allesoverheersend en overweldigend vindt hij de komst van dat nieuwe mensje. Hij hield het uiteindelijk bij eentje, speciaal voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig'. En ook al is kleine Zelda amper 14 dagen oud, hij mocht nu al ondervinden dat er enorm veel visies zijn over opvoeden.

Mijn kind is niet uit verveling ontstaan, had ik bij de controle bij de gynaecoloog nogal stellig gezegd. De dokter bereidt zich namelijk voor op een overproductie aan baby’s die tijdens seizoen 1 van de lockdown zijn verwekt. De komende maanden kloppen er honderden kinderen op de deur omdat we het afgelopen jaar met z’n allen te veel op de bank en in bed hebben gelegen. Ik ben een millennial, de klimaatjongeren zijn Z en nu komt de tsunami van Generatie Quarantaine.

Terwijl ik deze column voorlees, ligt mijn dochter Zelda op mijn borst. Ze is veertien dagen geleden in het holst van een sneeuwstorm geboren. Ik kan me niet inbeelden dat ik me ooit nog kàn vervelen. Mijn universum meet momenteel 51 centimeter groot, zij is het begin en einde van mijn wereld. Het is alsof mijn lichaam een nieuw orgaan heeft aangemaakt dat alle aandacht van de hersenen vraagt.

Als ik in haar ogen kijk, zie ik mezelf.

Ik kan wel zeven columns per week over Zelda pennen, maar omdat er niets vervelender is dan luisteren naar ouders die over hun krengen opscheppen, of hondenbezitters die over hun hond leuteren, om over kattenmensen zoals ik nog maar te zwijgen, zal ik het bij dit ene cursiefje houden waarin ik toegeef knetterverliefd te zijn op mijn dochter. En dus ben ik ook knetterverliefd op mezelf. Een kind maken is de symbiose van uiterste liefde tussen twee mensen, en het resultaat is een handspiegel waarin de geliefden zichzelf kunnen bewonderen. Als ik in haar ogen kijk, zie ik mezelf.

Hoeveel uren heb ik haar al bekeken?

Hoeveel kilometer heb ik haar al gestreeld?

Doe ik het vandaag, of bel ik morgen naar alle kranten met het nieuws dat wij het mooiste meisje ter wereld hebben gemaakt?

En heeft er iemand de contactgegevens van Anne Geddes? Want mijn dochter past nog net in de kleinste maat bloempot.

Zij ligt als een muisje op mijn borst en geeft amper een kik. Er wordt vooral óver haar gesproken. Met de doula bespreken we de kleur van haar stoelgang, met de vroedvrouw het restje navelstreng dat als een droog worteltje uit haar buik steekt, de lactatiedeskundige gist de kleur van haar ogen (even veranderlijk als het weer), en bij Kind & Gezin gaat zij af als een autoalarm omdat ze niet snel genoeg de tepel vindt.

Voor elke onzekerheid heeft de millennial een coach.

Volgens de verpleegkundige is het aan te raden dat zij op ons lichaam slaapt, of tussen ons in, om wiegedood te voorkomen. Maar de assistent-kinderarts verbiedt ons met het kind te slapen, net omdat het de dood in de hand werkt. Volgens de vroedvrouw is haar tong te kort en kan zij daardoor later een spraakgebrek ontwikkelen, maar volgens de pediater heeft zij de perfecte tongmaat en is het veel te riskant om het tongriempje te knippen.

Er is niets anders waar wij het zo grondig oneens over kunnen zijn dan de opvoeding van kinderen.

Zelda weet nog niet wat er boven haar hoofd wordt besproken. Er wordt in haar geprikt, geduwd en haar uitstulpingen worden opgemeten. Ik ga er van uit dat de natuur haar tong welbewust heeft gesneden in een vorm die voor haar noodzakelijk is. Op een dag, binnen pakweg twintig jaar, zal zij op deze stoel zitten en tegen mij praten, zoals ik nu tegen u, en in haar welbespraaktheid tonen uit welk stug of elastisch hout zij is gesneden. Dan zal zij misschien zeggen wat ik verkeerd heb gedaan.

Beluister de column van Maarten Inghels voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig':

Ontdek ook de andere columns uit de uitzending: