De held van Liège-Bastogne et retour: "Zijn linkerpedaal brak af. Hij fietste door en won op één been"

20 april 2018
Ward Bogaert maakt radio en podcasts voor Radio1. Hij kijkt vol verwondering naar sport. Zijn helden zijn meestal dood en/of (lang) vergeten. Zoals de vergeten held van Luik-Bastenaken-Luik Léon Houa. Hoe? Wa?

Ze hangt er nu een jaar of vier. Die 'plaque commémorative' aan de gevel van nummer 34 in de Rue du Pont in Luik, vlakbij het stadhuis. Er was een korte inhuldigingsceremonie aan de vooravond van de honderdste Luik-Bastenaken-Luik in 2014.

Na het vertrek van de hoogwaardigheidsbekleders, als het touwtje en het witte doek plaats gemaakt hebben voor een discreet rechthoekig stuk marmer, troepen buren samen. Ze lezen de letters die in het marmer gegrift staan en fronsen de wenkbrauwen. Waren ze Nederlandstalig, dan zou hun reactie min of meer geklonken hebben als de naam die ze zien staan:

"Hoe? Wa?"

undefined

Woonden ze hier 120 jaar eerder al, dan hadden ze door Luik gedanst, met hun nu vergeten buurman op de schouders.

"Ici est né Léon Houa", lezen ze op het marmer.

Hoe? Wa?
Ja, Léon Houa.

"Vainqueur des trois premiers Liège-Bastogne-Liège 1892-1893-1894"

Niemand dacht in 1892 dat er ooit een plaque commémorative zou komen voor Léon Houa. Het was zelfs nooit de bedoeling dat de Doyenne de doyenne zou zijn.

Nee, Luik-Parijs-Luik, die klassieker zou de eeuwigheid ingaan. En Luik-Bastenaken-Luik, dat was een probeersel. Om even te oefenen. Bastenaken als gelegenheids-Parijs. “Liège-Bastogne et retour” was de naam en het was wat het was. Rechtdoor van Luik naar Bastenaken, een stempel afhalen in het hotel van de voorzitter van de organiserende wielerclub en langs dezelfde weg terug naar Luik.

17 van de 33 deelnemers namen in Bastenaken de trein terug naar huis, ze waren er nu toch. Maar niet Léon Houa, één van mijn vele dode wielerhelden. Vier maanden was het geleden dat hij voor het eerst op een fiets had gezeten, die merkwaardige nieuwe machine. Tien kilometer voor de aankomst in Luik, de stad die meer dan tien uur eerder ook al de start was geweest, brak zijn linkerpedaal af.

Maar hij fietste door. En won op één been. Met 22 minuten voorsprong op Léon “Trimpou” Lhoest, in bijberoep doelman van Club Luik, de kampioen van 1896. Een gemiddelde snelheid van 23 kilometer per uur. Een fiets van 12 kilo.

Hoe? Wa?
Jaja, Léon Houa.

En in 1893 nog eens Houa. En in 1894 nog eens Houa. Hij was tussendoor ook nog Belgisch kampioen geworden. Maar zijn “Liège-Bastogne et retour” houdt na 3 edities op te bestaan. In 1908 beginnen ze, zonder Houa, aan “Liège-Bastogne-Liège”. Nu voor echt. Genoeg geprobeerd. Van Luik-Parijs-Luik is nooit nog iets vernomen en van Léon Houa evenmin.

Alleen dit. De man die Luik-Parijs-Luik mocht proberen, blijft proberen. In 1896 wordt hij testpiloot bij Renault. Auto’s, die merkwaardige nieuwe machines. In 1918 rijdt hij zich te pletter aan een overweg. Slecht geprobeerd.

Hoe? Wa?
Juist, Léon Houa.

Veereuwigd in een marmeren plaatje, in een erelijst (5 zeges: Eddy Merckx, 4 zeges: Moreno Argentin, 3 zeges: Léon Houa), in mijn mentaal doderennersmausoleum en in een naam, die de verbazing over zijn onvergetelijke, maar vergeten prestaties voor altijd verklankt.

Hoe? Wa? Houa!

Lees ook