"De hele wagon verstijfde"

29 maart 2017
Tijdens een treinreis van Straatsburg naar Parijs ervaart acteur Wim Opbrouck hoe de wereld is veranderd sinds de aanslagen in Parijs.

Wim Opbrouck vertelt over 'We Free Kings', één van de voorstellingen waar hij op dit moment in speelt. Een voorstelling over het benemen van vrijheid. "Ik heb veel zien veranderen met die voorstelling. Hij is gemaakt in 2015 en vlak na de première is alles veranderd. We waren in Straatsburg en twee dagen later speelden we in Parijs. Toen gebeurde Bataclan en veranderde alles. De sfeer in Parijs was tekenend. Er stonden overal mannen met kogelvrije vesten, ook voor de theaters."

Er stonden overal mannen met kogelvrije vesten.

Wim ziet hoe op veel plekken de angst wordt aangewakkerd, terwijl tegelijkertijd veel aandacht gaat naar beveiliging. "En je kunt nu eenmaal geen gouden kooi bouwen!"

Het mooiste verhaal rond die angst maakte hij mee in de TGV van Straatsburg naar Parijs. Tegenover Wim zat een jongeman van oosterse afkomst zijn GSM op te laden. Op een gegeven moment kwamen er zeven militairen de wagon binnen voor een paspoortcontrole. "Wat ik direct al heel misplaatst bevoorrecht vond, was het feit dat niemand mij vroeg naar mijn papieren, maar de jongeman wel." Die haalde een verfrommeld A4-tje boven met een kopie van zijn paspoort. Maar de militairen eisten het originele document.

Toen begon het circus.

Hij werd gevraagd de trein te verlaten en zijn jasje aan te doen in verband met winterse kou buiten. "Maar hij kwam met zijn arm niet door zijn mouw. En terwijl hij aan zijn mouw trok, verstijfde de hele wagon. Iedereen dacht: die trekt zometeen een wapen! Toen begon het circus. Een vrouw riep hysterisch: ‘Son sac, il a oublié son sac!’ Die jongen had zijn rugzak laten staan. En de hele wagon verstijfde opnieuw omwille van die achtergelaten rugzak."

Terwijl de militairen buiten bleven staan, stuurden ze de jongen wederom de wagon in om zijn rugzak te pakken. "Onder schot moest ie zijn rugzakje gaan halen. Ik wilde nog iets bemoedigends tegen hem zeggen, maar kreeg niks over mijn lippen. Gelukkig was er een oudere vrouw die hem op het nippertje nog even geluk wenste: 'Bonne chance, monsieur'. Die was dapperder dan ik! Een heel mooi teken van medemenselijkheid."