De impact van corona op kansarme kinderen in de stad: "Al weken niet één keer naar buiten geweest"

26 april 2020
Kansarme kinderen in de stad hebben het extra zwaar in deze coronatijden. Ze wonen in dichte buurten op kleine appartementen zonder tuin of terras. "Veel kinderen zijn al zes weken niet meer buiten geweest", zegt de Brusselse vzw D'Broej. De organisatie wil bijvoorbeeld speelplaatsen van scholen of buitenruimtes van culturele centra voor hen openstellen.

Eergisteren heeft de Nationale Veiligheidsraad een heleboel coronamaatregelen versoepeld. Vanaf 4 mei mogen bedrijven weer opengaan, vanaf 11 mei de winkels, en vanaf 18 mei mogen sommige kinderen weer naar school. Iets om naar uit te kijken en om vrolijk(er) van te worden, maar is dat voor iedereen wel het geval? Wat als je in kansarme wijken woont, bijvoorbeeld?

Kinderen en jongeren in kansarme wijken in de stad hebben het in deze coronatijden nog zwaarder dan anders, zegt Inge Loodsteen. Zij is algemeen coördinator van D'Broej, een koepelorganisatie van jeugdwerkingen die zich kwetsbare wijken in Brussel bekommert om kansarme kinderen en jongeren. De quarantaine en de bijhorende maatregelen houden geen rekening met hun situatie.

Er zijn heel veel kinderen bij ons die in al die weken gewoon niet naar buiten geweest zijn, niet één keer. We horen die verhalen altijd opnieuw.

"Kansarme gezinnen wonen in dichtbevolkte buurten, met heel veel mensen samen op een heel kleine oppervlakte, zonder een terras en een tuin. Ze hebben nood aan ruimte, maar die is er niet. Er zijn heel veel kinderen bij ons die in al die weken gewoon niet naar buiten geweest zijn, niet één keer. We horen die verhalen altijd opnieuw", zegt Loodsteen.

"Er wordt wel gewezen op het belang van bewegen, van buiten komen, wandelen, sporten, maar dat is heel moeilijk in dense wijken waar je zelfs op het voetpad niet eens de fysieke afstand kan bewaren omdat het maar 80 centimeter breed is. Die jongeren hebben nood aan buiten zijn, maar er is geen ruimte voor."

"Paniek omdat ze niet meer mee kunnen"

Loodsteen klaagt aan dat de maatregelen die genomen worden om de quarantaine te overbruggen, geen rekening houden met de kinderen in kansarme buurten. "Er wordt bijvoorbeeld heel veel ingezet op pre-teaching, op digitaal onderwijs. Maar er wordt voorbijgegaan aan het feit dat veel kinderen en jongeren in kansarme wijken geen computer hebben thuis. Dat is zo voor 20 tot 30 procent van de kinderen hier. Zo stel je een hele groep achter."

Ze merkt dat dat heel uiteenlopende reacties uitlokt. "We horen op het terrein van kinderen, jongeren, gezinnen die panikeren en stressen omdat ze niet mee kunnen. En we horen ook dikwijls helemaal het tegenovergestelde, jongeren die alles helemaal loslaten, die zeggen, het is toch foutu, om zich te beschermen tegen die stress."

Bron: VRT NWS

Beluister het volledige gesprek met Inge Loodsteen:

Lees ook: