"De logica van Vreemdelingenzaken: kop of munt"

27 september 2018
Geert van Istendael woont tegenwoordig landelijk en dat betekent ook je nieuwe dorpsgenoten leren kennen. Eén van hen is een Afghaan die sinds kort in België woont en om wie Geert zich bijzonder zorgen maakt.

Eén van mijn medeburgers in het dorpje waar ik sinds enkele maanden woon, is een Afghaan. Een asielzoeker en hij heeft een zoon. Ze wonen hier een jaar of drie. Langer dan ik dus.

Mijn medeburger spreekt passabel Nederlands, zijn zoon uitstekend. Het joch gaat naar de middelbare school. Pa werkt hier in de supermarkt. Ik heb hem er eens uit een ooghoek gezien, toen ik melk en bier insloeg. Niks bijzonders. Een meneer die rekken vult. Nederlands spreken. Eerlijk werk. Hoe noem je zoiets? Juist. Integratie.

En laat het net dát zijn wat Vreemdelingenzaken hem kwalijk neemt. Ze willen mijn dorpsgenoot terugsturen naar Afghanistan. Ze redeneren zo. Een kerel die vlotjes werk vindt in een Vlaams dorp, kun je die wel vertrouwen? Zo’n handige bliksem? Die zal vast geen enkel probleem hebben om zich in Afghanistan aan te passen. Althans, volgens vreemdelingenzaken.

Dus. Je integreert je volgens het boekje. Hoera, da’s een goede reden om je het land uit te gooien. Stel even, mijn dorpsgenoot had geweigerd Nederlands te leren en hij was koppig een of ander baardig geloof blijven belijden. Hoera, da’s een goeie reden om hem het land uit te gooien.

De logica van Vreemdelingenzaken is van een verbijsterende eenvoud: kop of munt, de vluchteling verliest.

Bovendien weten ze bij Vreemdelingenzaken dat Afghanistan absoluut een veilig land is. Ik lees af en toe een krant, ik bekijk weleens een buitenlands televisiejournaal. Dan denk ik: Afghanistan is zo veilig als een vuurgevecht van de maffia. En de Taliban zijn zo menslievend als de Waffen SS. Daar worden mijn dorpsgenoot en zijn zoon dus naartoe gestuurd. Ik moet even gaan kotsen.

Beluister het middagjournaal:

Lees ook:

Radio 1 Select