De onzichtbare hand

17 februari 2018
Het gesprek met Bas van Bavel in "Interne Keuken" in één zin samengevat: het ziet er niet goed uit, de vrije markteconomie heeft haar beste tijd gehad.

Bas van Bavel is een historicus die zich heeft verdiept in de geschiedenis van oude economiën. Zijn boek heet De onzichtbare hand. Daarin heeft van Bavel de economie van de Italiaanse stadsstaten bestudeerd, die van de Nederlanden tijdens de Gouden Eeuw, het Irak van de vroege Middeleeuwen en Engeland in de 19de eeuw. Hij ziet overeenkomsten. Al die markteconomieën maken een lange cyclus door: na een periode van bloei geraken ze in verval en verdwijnen. Het lijkt onvermijdelijk.

Het is met onze eigen tijd niet anders. Wat je in Irak, Italië, de Nederlanden en Engeland zag, zie je ook in onze tijd. De laatste fase van de westerse vrije markteconomie is aangebroken.

Ontstaan van economische elite

Dit is de cylus: Je begint in een soort feodale situatie waarin grond het bezit is van een heerser, en onvrije mensen arbeid moeten verrichten. Er breken opstanden uit, er ontstaat een zeker vorm van vrijheid die de opkomst van een markteconomie mogelijk maakt. In eerste instantie stimuleert dat algemene welvaart, maar al gauw blijken sommige mensen net iets meer welstand te vergaren dan anderen. Dat levert hen een competitief voordeel op. Bas van Bavel vergelijkt dat met een dobbelspel waarbij wie een zes gooit een extra dobbelsteen krijgt. Wie die zes gooit, krijgt dus meer kans heeft om opnieuw een zes te gooien. Er ontstaat zo een economische elite.

Omslagpunt

Het omslagpunt waarbij het mis loopt is wanneer die economische elite er in slaagt haar vermogen om te zetten in politieke macht. Vanaf dan bepaalt de economische elite de spelregels. Dat is gebeurd in elk van de economiën die Bas van Bavel heeft bestudeerd. Hij heeft naar tegenvoorbeelden gezocht, maar niet gevonden.

Groeiende ongelijkheid en toenemende onvrijheid, groeiende politieke macht voor de elite en afname van de democratische macht van gewone mensen luidden de laatste fase van elke markteconomie in. De elite investeert haar geld niet meer in productie maar in de financiële markten. Dat veroorzaakt economisch verval en de markteconomie verdwijnt.

Vrije markt eet zichzelf op

Je moet niet veel moeite doen om paralellen te zien met de miljardairsregering die de gang van zaken in de Verenigde Staten regelt. Of de onmacht van Europese regeringen om grote bedrijven evenveel belasting te laten betalen als gewone burgers. Als je de geschiedenis bestudeert, zegt van Bavel, zie je dat dat onvermijdelijk is: de vrije markt eet zichzelf op.

Is er nog wat aan te doen? Zelforganisatie, zegt van Bavel. Coöperaties. En erfbelasting. De ware verdediger van de vrije markt belast erfenissen weg. Niet om gewone lui te treffen die hun spaargeld aan hun kinderen willen doorgeven, maar wel om de enorme vermogens van de superrijken onovererfbaar te maken, want die bedreigen de werking van de vrije markt.