"De oude Grieken sprongen dubbel zo ver als nu: 16m! Mét halters in beide handen"

10 juli 2019
Radio 1
De oude Olympische Spelen werden elke 4 jaar gehouden in de Griekse stad Olympia, ter ere van Zeus. Er was een stadion met plaats voor zo'n 40.000 toeschouwers. Pittig detail, de oude Grieken sprongen er dubbel zo ver als nu. 16 meter om precies te zijn. En om het nog straffer te maken, mét halters in beide handen. Hoe ze dat deden?

"Bovendien werden er halters gebruikt tijdens het verspringen. Die halters zouden moeten gediend hebben om verder te kunnen springen. Het gewicht van een halter varieerde van 1,5 tot 2,5 kilo", vertelt Roland Renson, professor Sporthistoriek aan de KU Leuven in Weet ik veel.

Wetenschappers aan de Universiteit van Gent namen de proef op de som en kwamen tot de conclusie dat het alleen maar kan als men vijf keer springt. Wie vijf keer springt en door de halters een verlenging van 20 centimeter per sprong teweeg brengt komt tot een afstand van 16 meter.

Toch is geen er enkele afbeelding te vinden waar te zien is dat de Grieken uit stand springen. Ze gebruiken steeds een aanloop en een afstoot.

Hoe kan het fenomeen dan wel verklaard worden?

Volgens de Nederlandse sportjournalist Bob Spaak moeten we de aanloop meetellen. De afstand tussen de afstoot van de balbis (een stenen afstootlijn), een aanloop van een goede 10,5 meter en een sprong van 5 tot 6 meter springen zou ongeveer 16 meter moeten leiden.

Herbekijk en beluister de volledige uitzending:

Radio 1 Select