De pater en de filosoof

2 juni 2018
We zijn eind jaren '30. Onder de ogen van de nazi's smokkelt een pater in habijt veertigduizend volgekribbelde pagina's Duitsland uit, drie hutkoffers vol. Met gevaar van eigen leven redt hij de manuscripten van een joodse filosoof, in de hoop die later te kunnen uitgeven. Maar de filosoof heeft zijn gedachten in een soort geheimschrift genoteerd dat eerst ontcijferd moet worden... Dit zou de korte inhoud van een nieuwe roman van Umberto Eco kunnen zijn.

Umberto Eco is dood en schrijft dus niet meer. U hebt zonet de korte inhoud gelezen van "De pater en de filosoof", het jongste boek van Toon Horsten. De filosoof is Edmund Husserl, grondlegger van de fenomenologie. De pater is Herman Van Breda.

Het begon met een oude zwart-witfoto uit het familie-album. "Wie is die pater naast oma", vroeg Toon Horsten aan zijn vader. Op familiefeestjes was die vrolijke pater er altijd bij. Hij was de lievelingsneef van grootmoeder. Hij deed iets vaags met filosofie aan de universiteit van Leuven. Verder kwam vader Horsten niet.

 

Herman en Theresia Van Breda, uit De pater en de filosoof, Toon Horsten
Pater Van Breda en Theresia Horsten-Van Breda

Toen Toon Horsten later, in een doos papieren, de doodsbrief van de pater vond, kreeg hij een naam: Herman Van Breda. Volgens het overlijdensbericht houder van een indrukwekkende lijst eretekens uit Duitsland, Nederland, België en Israël. Plus een eredoctoraat van de universiteit van Freiburg, een erkenning als weerstander in de tweede wereldoorlog en een medaille van Yad Vashem.

Toon Horsten heeft een held in de familie. Hij mag daar zaterdag aan de Interne Keukentafel trots op komen zijn.