"Deze week deed u niets speciaals, behalve sterven en begraven worden"

28 oktober 2017
Elke week vragen we iemand om een brief te schrijven aan zijn of haar held. Vandaag kiest Rik Torfs voor een nobele onbekende, commissaris Maes. "De schoonheid van uw leven was dat u het leidde. Elke dag weer. Met een constante inzet. U veranderde de wereld niet, hij u evenmin."

Beste commissaris Maes,

Weinigen kennen u en dat zullen er in de toekomst nog minder zijn. In 1962 werd u commissaris in Heist-op-den-Berg. Ik zag u vaak. Het politiebureau was aan de overkant van de straat. Als ik naast mijn vader zat in onze lichtblauwe Chevrolet Bel Air groette hij u en u hem. In die tijd groetten mensen elkaar formeler dan vandaag. Maar misschien ook wel hartelijker. Een groet was eerder een daad dan een achteloos gebaar.

In die tijd groetten mensen elkaar formeler dan vandaag. Maar misschien ook wel hartelijker. Een groet was eerder een daad dan een achteloos gebaar.

Deze week deed u niets speciaals, behalve sterven en begraven worden. Zeventien jaar na uw echtgenote, op 96-jarige leeftijd, kinderen had u niet.

De schoonheid van uw leven was dat u het leidde. Elke dag weer. Met een constante inzet. U veranderde de wereld niet, hij u evenmin.

Woensdag in de uitvaartliturgie, waarin het dorp van dertig jaar geleden zich verzamelde voor zover het nog in leven was, dacht ik aan het gedicht “Roeping” waarin Gerard Reve zuster Immaculata prijst, die nooit op de teevee kwam maar heel haar leven verlamde oude mensen waste, in bed verschoonde en eten voerde. Dat deed u niet, maar u deed wel met veel liefde uw werk. Ook was u actief in allerlei verenigingen. “U was er graag bij”, zei de pastoor.

De schoonheid van uw leven was dat u het leidde. Elke dag weer. Met een constante inzet. U veranderde de wereld niet, hij u evenmin.

U was een enig kind, wist hij nog. Dat was in 1921 eerder uitzonderlijk. Plotseling herinnerde ik mij hoe mijn vader naar het verre Menen reed voor de begrafenis van uw moeder. Rond 1970 moet dat zijn geweest. En onverwacht schoot mij iets te binnen wat ik lange tijd vergeten was: haar naam. Uw moeder heette Zulma.
Wie blijft er over om zich die naam te herinneren, nu u er niet meer bent? Maar misschien is er wel meer dan alleen menselijke herinnering. Dat gun ik u van harte.

Ik zou u willen groeten zoals mijn vader dat kon, de vrederechter die de politiecommissaris groet in de feestelijke sfeer van de jaren zestig. Dat kan ik niet. Dan maar deze brief. U hoeft hem niet te lezen. Ik ben dankbaar dat ik hem schrijven mocht.

Heel hartelijke groet,

Rik Torfs