"Die negen maanden zijn voorbij gevlogen en ik mag mijn pollekes kussen dat alles zo vlot verlopen is"

2 mei 2021
© Geert Van Hoeymissen / VRT
“It’s always more fun to share with everyone.” Zo kondigde Cath Luyten ('Vandaag over een jaar', 'Buurman, wat doet u nu?') haar zwangerschap aan in januari. Ondertussen is het bijna zover: de bevalling komt nu wel heel dichtbij. In haar column voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig' schrijft Cath Luyten over de grote en kleine besognes, die elke (hoog)zwangere vrouw zal herkennen.

Gisteren mocht ik nog een laatste keer op controle bij de gynaecoloog. Voor de grote worp. Die negen maanden zijn voorbij gevlogen en ik mag mijn pollekes kussen dat alles zo vlot verlopen is. Stiekem bid ik wel eens een weesgegroetje dezer dagen. Niet omdat we gelovig zijn, wel omdat we gisteren nog verhuisd zijn, naar een huis onder den toren. Letterlijk. 44 klokslagen gaven vanmorgen aan dat het acht uur was. Shit , wreef mijn lief zich de slaap uit de ogen, wordt dit nu dagelijkse kost? Nee hoor, zodra die kleine er is, is dat al middag voor ons, dan hebben wij er al 4 voedingen en 7 pampers opzitten.

‘t Zal wennen worden. Met ’n prepuber van 13 is het leven gemakkelijk.

‘t Zal wennen worden. Met ’n prepuber van 13 is het leven gemakkelijk. Dat wast en voedt zichzelf, kuist eigenhandig zijn poep af. Een baby is terug naar af. Naar 24 uur een rugzakje, 7 dagen op 7. Dus tuurlijk hebben we daarover nagedacht en heeft niet alleen het libido het overgenomen. Je wikt en weegt en eens je er voor gaat, blijkt de natuur je nog goed gezind ook. Beter gezind dan sommige trollen op het internet of journalisten die sensatie roken. ‘Op haar 43ste nog zwanger, is dat wel verstandig.’ Tja, wie ben ik om moeder natuur tegen te spreken. Zolang zij het toelaat.

Toegegeven je staat iets vaker stil bij de risico’s en ik kus opnieuw mijn beide pollekes dat je hier kan testen en ‘echo-en’ à volonté om toch maar uit te sluiten waar je bang voor bent of om in te grijpen waar mogelijk. En zo belandde ik deze week bij mijn laatste controle.

Het was nog ’ns met de beentjes open, om streptokokken op te sporen. Vriend lief kijkt altijd een beetje beduusd op zo’n moment. Net toen ik ‘in positie’ lag, en terloops meldde dat het vroedvrouwengesprek eerder deze week fijn was verlopen, staakte de gynaecologe haar handeling: heb je de hetse een beetje gevolgd deze week? Met de streptokokkenwisser in de hand, kreeg ik in ’n zeven minuten durend betoog mee dat er ’n knippen- versus scheuren discussie aan de gang is tussen vroedvrouwen en gynaecologen. Ze had er plezier in.

’t Is Een kwestie van wachten en vooral niet toegeven aan die oerdrift

“’t Is Een kwestie van wachten en vooral niet toegeven aan die oerdrift, pas persen als de hoofden rond jouw vagina het opportuun vinden”, vertelde een bevriend zwanger koppel ons nog. Zelf hadden ze een persgoeroe gevonden die er een erezaak van maakt om ongeschonden uit het baringsproces te komen. Met de wisser nog steeds in aanslag en ik nog steeds met de benen open, verzekerde ze me dat ze enkel knippen indien nodig.

Dertien jaar na zo’n eerdere knip, denk ik vooral:” wat moet, dat moet”. Zolang het maar weer netjes afgewerkt wordt daar beneden, rijgsteek of stiksteek dat laat ik aan de experts.

Nu, ik heb ze allebei graag: de gyne én de vroedvrouwen. Tenminste de mijne toch. Want tegen alle verwachting in maken ze geen van beiden deel uit van de borstvoedingsmaffia die angst en terreur zaait wanneer je zachtjes oppert te passen voor dat ‘natuurlijke’ zogen.

Dit keer wil ik namelijk geen ontstoken borsten, geen koorts en geen abces. Goedbedoelde lapmiddelen als zure platte kaas smeren of koolbladen leggen daar doen we niet meer aan. De visioenen van een echtgenoot die dan maar zelf de melk los probeert te zuigen omdat dat de baby niet lukt, achtervolgen me tot op heden. “Straf spul, die moedermelk,” zei de kersverse vader tegen de vroedvrouw. Ze keek verschrikt: “ik heb beroepsgeheim.”

En ja, ik weet dat dat het beste is voor het kind. Elke poster in de wachtkamer wijst je daar fijntjes op. Ik weet ook dat het handig is, je moet je bed niet uit. En ik besef dat het goedkoop is, wat je van de dozen Nan en Nutrilon niet kan zeggen. Maar ik weet ondertussen ook dat een kind vooral gebaat is bij alle liefde van de wereld, of die nu uit een fles komt of uit ’n tiet.

Als die maar gegeven wordt door mensen die dat kleine wonder graag zien. En dat gaan wij doen, daar onder onze klokkentoren. Om twaalf en om drie en om zes en om negen...

Beluister de column van Cath Luyten voor ‘De toestand is hopeloos maar niet ernstig’ via Radio 1 Select.

Ontdek ook de andere columns uit deze uitzending: