Een week vol ijsdagen en kans op een heuse "koudegolf": hoe komt dat? En hoe uitzonderlijk is dat?

8 februari 2021
Vidar Nordli-Mathisen
We zijn vertrokken voor een week vol ijsdagen, met temperaturen die zowel 's nachts als overdag onder het vriespunt blijven. Met een beetje geluk - of ongeluk, zo je wil - zit er zelfs een koudegolf in. En dat zijn we niet meer gewoon, zeker in Vlaanderen. Vanwaar komen die ijskoude temperaturen? En hoe uitzonderlijk is dat nu écht?

1. Welke temperaturen mogen we verwachten?

Dat we met de sneeuw van afgelopen weekend vertrokken zijn voor een heuse winterprik hoeven we je niet meer te vertellen. Vandaag was de eerste ijsdag van een langere periode, die zeker tot vrijdag zal duren. 's Nachts wordt het tot -13 graden, maar ook overdag wordt het op sommige dagen niet veel warmer dan -5. Vanaf het weekend zouden de temperaturen overdag boven het vriespunt kunnen klimmen.

2. En wat is dat met die koudegolf?

Er zou deze week zelfs een koudegolf kunnen komen. Bij zo'n koudegolf moeten de temperatuur minstens vijf dagen aan een stuk áltijd onder het vriespunt blijven. In die periode moet het minstens drie nachten -10 graden of kouder worden. Het referentiepunt daarvoor is het weerstation in Ukkel.

"Die vijf ijsdagen zullen we wellicht wel halen in Ukkel", zegt Hagedoren. "Die drie nachten van -10 of kouder, dat valt nog af te wachten. De verwachtingen liggen nu eerder rond -8 en -9 in Ukkel. Het zou kunnen dat we het op andere plekken in het land, zoals in de Kempen, wél halen. Dan hebben ze daar een koudegolf gehad, maar zal het geen officiële zijn voor ons land."

3. Hoe komt het dat het nu zo koud is?

"Doorgaans krijgen we zachtere wind vanuit het westen, maar nu is die gedraaid en komt die uit het noordoosten", legt weervrouw Sabine Hagedoren uit. "Daardoor krijgen we koude, polaire lucht. Vanuit Rusland komt die vrieskou tot bij ons en daardoor gaan de temperaturen dalen."

"Bovendien zullen we vanaf morgen ook de gevolgen voelen van een hogedrukgebied boven Scandinavië, met veel opklaringen. De koude lucht in combinatie met de opklaringen en de sneeuw die er ligt, maakt dat het - zeker 's nachts - nog meer zal vriezen."

Bekijk hier het gesprek met Sabine Hagedoren in 'Het Journaal':

4. Is dit eigenlijk uitzonderlijk?

Als het effectief een koudegolf wordt, dan is dat toch vrij uitzonderlijk. Het is al geleden van 2012 dat we er een hebben gehad in ons land. Toen bleven de temperaturen tussen 30 januari en 12 februari 14 dagen lang onder het vriespunt.

En als we eens verder uitzoomen? Dan blijkt dat koudegolven vroeger veel vaker voorkwamen dan nu. "Tot 1980 hadden we gemiddeld elke vier jaar een koudegolf. Dat waren er evenveel als hittegolven", zegt Pascal Mormal, meteoroloog bij het KMI, in "De wereld vandaag". "De laatste dertig jaar hebben we nog maar 3 koudegolven gekregen, maar wel 21 hittegolven. Dat zijn er zeven keer minder."

Beluister hier het gesprek met Pascal Mormal in "De wereld vandaag":

Al aan het bibberen bij de gedachte van -10? Ook dat is relatief weinig in vergelijking met wat we in het verleden soms kregen. "Vroeger was het geregeld kouder dan -15 graden, zelfs in Vlaanderen. In januari 1985 was het bijvoorbeeld -23 in de Kempen. De jongste jaren merken we die temperaturen niet meer op. De laatste keer dat het kouder was dan -10 in Ukkel was maart 2013. Maar dat was maar één dag, van een koudegolf was toen helemaal geen sprake."

Dat het vroeger veel vaker dan nu (lang) koud was, bevestigt ook weerman Frank Deboosere. "De gemiddelde temperatuur van de hele winter - dus december, januari en februari - in 1962-1963 was -2 graden. Toen was de Noordzee dichtgevroren", zegt hij in "De afspraak". "Vroeger hadden we rond de 16 a 17 ijsdagen per winter, nu zijn dat er 6 of 7. Je merkt dat het aantal echt koude dagen geleidelijk daalt."

Bekijk hier het gesprek met Frank Deboosere in 'De afspraak':

Bron: vrtnws.be en 'De Wereld Vandaag'

Lees ook: