Eeneiige tweeling is niet altijd genetisch identiek

22 mei 2012

Nieuw onderzoek toont aan dat identieke tweelingen kleine verschillen in hun DNA-sequenties kunnen hebben. Die subtiele variaties kunnen samenhangen met verschillen in eigenschappen zoals ADHD.

Wetenschappers van de Vrije Universiteit Amsterdam en het Avera Instituut in de VS onderzochten zogenaamde DNA-copy number variations (CNV’s). Dat zijn stukjes DNA die een variabel aantal keren voorkomen op een chromosoom en de werking van verschillende genen kunnen beïnvloeden. Zij leveren daarmee een belangrijke bijdrage aan genetische variatie.

De onderzoekers bekeken of CNV’s vaker voorkwamen bij kinderen met een aandachtsstoornis, en of ze verschilden bij tweelingparen waarvan één (en slecht één) van beide kinderen een aandachtsstoornis had.

Wat bleek? De chromosomen vier en zeventien lieten verschillen zien binnen eeneiige tweelingparen. Bovendien hadden kinderen met een aandachtsstoornis gemiddeld grotere CNV’s verspreid over hun erfelijk materiaal.

"Meer onderzoek is nodig om te begrijpen hoe CNV's de kans op ADHD verhogen en hoe vaak deze genetische verschillen bij identieke tweelingparen voorkomen.” zegt onderzoeker Abdel Abdellaoui van het Nederlands Tweelingen Register.

Radio 1 Select