"Er zijn ondertussen massa’s formats waarin wie dat wil de mens achter de politicus kan leren kennen"

21 februari 2021
In de driedelige docureeks 'BDW' wordt Antwerps burgemeester Bart De Wever een jaar lang op de voet gevolgd. De reeks beroert de gemoederen van kijkers én pers. Ook regisseur Jan Verheyen heeft gekeken. "Willen we wel de mens achter de politicus leren kennen?" vraagt hij zich af. "Of beter: is dat wenselijk, nuttig, noodzakelijk, zinvol?"

Ik heb dus, net als 800 000 andere Vlamingen, al twee woensdagen naar BDW gekeken, de auteursdocumentaire waarmee Petra De Pauw sterk debuteert als prime time programmamaker. Slim gezien van De Pauw, want zij weet natuurlijk ook: een portret van BDW, dat is smullen, niet alleen van de documentaire zelf, maar meer nog van de reacties erop. Ik hou soms nogal van voorspelbaarheid, ziet u.

En ja hoor: aangezien de media in het algemeen en de zelfuitgeroepen kwaliteitsmedia in het bijzonder, gevangen in de ideologische verstarring van hun eigen Grote Gelijk, al decennia onwillig en onbegrijpend staren naar 'BDW' zoals bankiers naar een bitcoin, kwam de kritiek meteen als zure regen over ons neergedaald. Uiteraard werd daarbij gretig de man gespeeld in plaats van de bal, en kreeg ook Petra De Pauw en passant een paar sneren. Zij maakt immers geen deel uit van het heir der Kritische Journalisten, en zou dus niet zwaar genoeg wegen om de grote roerganger te tackelen, wat, althans als het om BDW gaat, blijkbaar de enige juiste journalistieke reflex is.

Er zijn ondertussen massa’s formats waarin wie dat wil, de mens achter de politicus en zelfs zijn hele familie, huisdieren inbegrepen, kan leren kennen

Maar los van het rancuneuze geneuzel over de man BDW zelf, waar journalisten maar naar blijven staren zoals in 1835 de Mechelse koeien naar de eerste voorbij tuffende trein, moet ik in alle objectiviteit toegeven dat een deel van de kritiek op het programma wél hout snijdt. Want los van hoe mooi het gemaakt is en hoe fascinerend het onderwerp is, kan je je inderdaad afvragen of zo’n programma in se een verstandig idee is.

Nu heeft de openbare omroep – en de kwaliteitspers die, zoals bekend, nogal selectief is in zijn verontwaardiging – geen enkel probleem met het op tijd en stond uitzenden van een hijgerige hagiografie van een jarig of jubilerend lid van het koningshuis, zo’n hoofdredacteur droomt misschien ook wel van een lintje, zo richting fin de carrière, maar voor portretten van politici ligt dat – m.i. terecht – gevoeliger. Er zijn ondertussen massa’s formats waarin wie dat wil, de mens achter de politicus en zelfs zijn hele familie, huisdieren inbegrepen, kan leren kennen – ‘Het huis’, ‘Vandaag’, ‘De Colombus’, ‘De slimste mens’, alles met Jan Peumans, noem maar op.

Maar de kernvraag is, of zou moeten zijn: willen we wel de mens achter de politicus leren kennen? Of beter: is dat wenselijk, nuttig, noodzakelijk, zinvol?

Enige terughoudendheid lijkt me misschien wel aanbevolen, en ja, dus ook in het geval van BDW, waar de media geobsedeerd naar staren zoals kapitein Ahab naar de grote witte walvis Moby Dick,

Het is allemaal fout beginnen lopen in het laatste decennium van de vorige eeuw, toen na een avondje doorzakken de verre familieleden informatie en entertainment samen in bed zijn beland en het bastaardkind infotainment verwekten. En voor je het wist zat Bert Anciaux bij Mark Uytterhoeven en een pratende beo zijn ziel bloot te leggen in ‘Het huis van Wantrouwen’, speelden Johan van De Lanotte en Yves Leterme piraatje met Jean-Marie De Decker bij de giechelende travestieten Debby & Nancy, lag Conner Rousseau in bed met James Cooke in ‘Gert Late Night’ en zat Bart Tommelein in het monstertjespak in ‘The masked singer’, et j’en passe. De politiek heeft daar, vrees ik, een hoge prijs voor betaald.

Mensen als, pakweg, Jo Vandeurzen of Servais Verherstraeten, degelijke politici, gedreven dossiervreters maar behept met het charisma van verlepte prei, komen nooit nog voorbij de eerste redactievergadering, maar ook iemand als Conner Rousseau moet het, tot zijn eigen gêne en weliswaar professioneel verstopte irritatie, meer hebben over zijn sex appeal en status als begeerlijke vrijgezel dan over zijn politieke ideeën.

Die doos van Pandora krijg je nooit meer terug dicht, daar moeten we ons vooral geen illusies over maken, maar enige terughoudendheid lijkt me misschien wel aanbevolen, en ja, dus ook in het geval van BDW, waar de media geobsedeerd naar staren zoals kapitein Ahab naar de grote witte walvis Moby Dick, al wil ik toegeven dat die vergelijking, zeker visueel, beter werkte voor BDW aan zijn mirakeldieet begon.

De reeks is overigens een onbetwiste kijkcijferhit en sta me toe daar misschien toch vooral iets positiefs in te zien, dat ruim 800 000 mensen in een menu vol gekakel en gekir en geklaag kiezen voor een mooi gemaakt programma waarin wel eens een fraaie volzin te horen valt en zowaar Nietschze, Caesar en Churchill worden geciteerd . In volle prime time, begot.

Beluister de column van Jan Verheyen voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig':

Bekijk de docureeks 'BDW' via vrt.nu

Ontdek ook de andere columns uit de uitzending: