"Gevangenis van Sint-Gillis is de hel, Gent de hemel en Brugge het vagevuur"

17 juni 2018
Voormalig ACV-vakbondssecretaris Luc Neirynck werkte 35 jaar lang in verschillende Belgische gevangenissen. Hij schreef er een boek over: 'Van cipier tot vakbondslijder'. Lijder effectief met een lange ij geschreven, voor alle duidelijkheid.

Vooreerst: waarom spreekt voormalig ACV-vakbondssecretaris Luc Neirynck in de titel van zijn boek over 'vakbondslijder' in plaats van vakbondsleider? "In het laatste deel van mijn carrière is er een kentering gekomen dat met 'lijden' gepaard ging. Vroeger vochten vakbonden om iets te bekomen. Nu moeten vakbonden actie voeren om niets te verliezen", stelt Neirynck in "De Ochtend". Hij is ondertussen al twee jaar op pensioen maar begon zijn carrière als cipier in de gevangenis van Sint-Gillis om achtereenvolgens in de gevangenissen van Gent, Brugge en Ruiselede te werken.

Grote verschillen in het gevangeniswezen

Zijn er grote verschillen tussen de gevangenissen waar hij gewerkt heeft? Ja, en Neirynck beschrijft ze op de volgende manier: "de gevangenis van Sint-Gillis is de hel, zowel voor de gedetineerden als het personeel. De gevangenis van Gent is de hemel en die van Brugge het vagevuur. Er zijn heel veel en grote verschillen in het Belgische gevangeniswezen. Ik heb werkelijk alles gezien en meegemaakt". 

Personeelstekort

Zo is er het personeelstekort bij cipiers; een heikel onderwerp dat steeds terugkomt. "Personeelstekort en de negatieve gevolgen ervan zijn helaas een rode draad doorheen mijn carrière geweest. Zo waren er in de gevangenis van Brugge op een totaal van 700 medewerkers 50 medewerkers te weinig. In de gevangenis van Ruiselede ging het om een tekort van drie à vier mensen. Maar daar werkten toen in totaal ook maar 40 mensen dus de situatie was eigenlijk even erg als in de Brugse gevangenis", vertelt Neirynck. 

Verouderde infrastructuur

Neirynck heeft niet het gevoel dat de situatie in de gevangenissen erop vooruit gaat. Hij ziet enkele kleine verbeteringen, naar de geïnterneerden toe bijvoorbeeld. Naar personeel, bewaking en overbevolking toe is de gewezen cipier echter pessimistisch. Volgens Neirynck zijn er twee grote problemen: de gevangenisinfrastructuur is verouderd en het onderhoud van onze gevangenissen is problematisch. "We hebben te maken met gevangenissen die 150 jaar oud en nauwelijks aangepast zijn. Zo is het penitentiair complex in Brugge een vrij nieuwe gevangenis (die geopend werd in 1991), maar de laatste jaren zijn er geen onderhoudswerken gebeurd. Het gevolg daarvan is dat de infrastructuur van die gevangenis het nu op alle mogelijke manieren laat afweten."

De meeste voor moord veroordeelde mensen kunnen relativeren en weten dat ze hun straf gewoon moeten ondergaan

Neirynck werkte 35 jaar lang in verschillende gevangenissen. Wat waren zijn ervaringen met de gevangenen zelf? "90 procent van de gevangenen probeert gewoon menselijk te zijn, zoals de meeste mensen. Fysiek geweld heb ik nooit moeten ondergaan. Maar er zijn inderdaad bepaalde gevangenen die doodsbedreigingen enzomeer uiten. Dat hoort bij de job van cipier en als het je job is, moet je daar mee kunnen leven", aldus Neirynck.

Lees ook

Radio 1 Select