Herfsttij der Middeleeuwen

27 mei 2017
"Toen de wereld vijf eeuwen jonger was, hadden alle levensgevallen veel scherper uiterlijke vormen dan nu. Tusschen leed en vreugde, tusschen rampen en geluk scheen de afstand grooter dan voor ons; al wat men beleefde had nog dien graad van onmiddellijkheid en absoluutheid, dien de vreugd en het leed nu nog hebben in den kindergeest."

Zo begint "Herfsttij der Middeleeuwen", hét standaardwerk van Johan Huizinga uit 1919 over de veertiende en de vijftiende eeuw in de Nederlanden en Frankrijk.

Herfsttij - kenners korten de titel af - Herfsttij is een geschiedenisboek. Non-fictie dus, en toch wordt het steevast vernoemd als er lijstjes worden gemaakt van Belangrijke Nederlandse Literatuur. Ook in vertaling geldt het als een meesterwerk. En het boek is honderd jaar na verschijnen nog altijd in druk.

We hebben Leen Huet gevraag om haar exemplaar van Herfsttij mee te brengen naar de keukentafel om er over te vertellen, of om er uit voor te lezen. Huizinga schrijft over schilderkunst en literatuur, en wentelt zich in de schoonheid ervan. Maar, zegt hij, "wie zich waarlijk in dien tijd verdiept, heeft dikwijls moeite om het blijde aspect vast te houden. Want overal buiten de sfeer der kunst heerscht het donker. In het dreigend waarschuwen der sermoenen, in de moede zuchten der hoogere litteratuur, in het eentonig relaas der kronieken en oorkonden, overal schreeuwen de bonte zonden en jammert de ellende."

We zijn vertrokken. We hebben geciteerd. De verleiding is groot om nog een paar fragmenten uit het boek te copy/pasten. Heerlijke zinnen.

 

Wat in de justitieele wreedheid der late middeleeuwen treft, is geen ziekelijke perversiteit maar het dierlijke, verstompte jolijt dat het volk erin had, de kermisvreugde ervan. Die van Mons koopen een rooverhoofdman tegen veel te hoogen prijs, voor het genoegen van hem te vierendeelen (...). Tijdens de gevangenschap van Maximiliaan te Brugge in 1488 staat op de markt, waar de gevangen koning het kan zien, de pijnbank op een hooge estrade. Het volk krijgt er niet genoeg van de van verraad verdachte magistraatspersonen telkens weer te zien pijnigen, en weerhoudt de executie waar dezen om smeeken, om van de nieuwe kwellingen te genieten.
Johan Huizinga

Het gaat er Huizinga om dat de schoonheid die wij kennen van pakweg Het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck, in schril contrast staat met de "booze wereld" die de Middeleeuwer zelf om zich heen ziet. "Het vuur van haat en geweld brandt hoog, het onrecht is machtig, de duivel dekt met zijn zwarte vlerken een duistere aarde. En spoedig wacht der menschheid het eind van alle dingen. Maar de menschheid bekeert zich niet; de kerk strijdt, predikers en dichters klagen en vermanen vergeefs."

Zaterdag, Interne Keuken met Leen Huet