Het einde van het portemonnee-tijdperk

14 mei 2018
Afgelopen weekend was Michel Maus getuige van een stevige discussie in een bakkerij: een man wilde er per se 4 pistolets kopen met 200 euro cash geld, maar dat werd geweigerd door de jobstudente. Mag een handelaar eigenlijk wel cash geld weigeren? En wordt elektronisch betalen sowieso hét (enige?) systeem van de toekomst? Interessante bedenkingen in zijn column.

Afgelopen zondag was ik getuige van een geanimeerde discussie in mijn favoriete bakkerij. Een man van respectabele leeftijd wou zijn 4 pistolets betalen met een biljet van 200 euro. De sympathieke jobstudente deelde de man echter mee dat ze niet genoeg wisselgeld had en vroeg om elektronisch te betalen. Dit was duidelijk niet naar de zin van de man in kwestie die in een furie schoot en zijn recht opeiste om zijn pistolets met 200 euro cash geld te kunnen betalen.

Toen een andere klant de man er fijntjes op wees dat de tijd van het zwart geld echt wel achter de rug is, was het hek helemaal van de dam. De croissants, de rijsttaarten en de tom poucen vlogen nog net niet door de lucht. Toen de man uiteindelijk luid vloekend en pistoletloos de bakkerij verliet, ontstond er een leuk gesprek tussen de andere klanten over de vraag wie er nu eigenlijk “wettelijk” gelijk had, de man die cash wou betalen of de jobstudente die het cash geld niet wou aanvaarden. Een interessante vraag, want ja mag een handelaar eigenlijk zo maar cash betalingen weigeren?

Wel het antwoord op deze vraag is niet zo eenduidig. Als algemene regel geldt nog steeds dat cash geld een wettelijk betaalmiddel is dat door elke handelaar moet aanvaard worden. Op deze regel zijn er wel een aantal uitzonderingen. Beschadigde biljetten mag een handelaar weigeren, net als biljetten waarvan het vermoeden bestaat dat deze vals zijn. Ook als het bankbiljet de waarde van de aankoop fel overstijgt, mag de handelaar de cash-betaling weigeren. Verder zijn aankopen met cash geld slechts tot 3.000 euro toegestaan, en is cash geld bij onroerend goed transacties helemaal verboden. Maar behoudens deze specifieke uitzonderingen mag een handelaar dus principieel geen cash geld als betaalmiddel weigeren.

Nochtans zijn er meer en handelaars die - zoals mijn favoriete pizza-restaurant in Gent - resoluut willen afstappen van cash geld en enkel nog elektronische betalingen willen accepteren. Zij hebben daar elk hun reden voor. Dit kan gaan om veiligheidsredenen, om gebruiksgemak of om hygiënische redenen. Anderzijds zijn er ook nog veel tegenstanders van elektronische betalingen en zij wijzen dan weer op de onbetrouwbaarheid van het banksysteem, op het feit dat oudere mensen de switch naar elektronisch bankieren niet kunnen maken en op het gevaar voor de privacy want elektronische transacties zijn (fiscaal) traceerbaar. Alle argumenten van zowel voor- als tegenstanders hebben wel een kern van waarheid.

Maar wat er ook van zij, ook de tegenstanders beseffen dat met de toenemende technologisering van de maatschappij het voortbestaan van cash geld verder onder druk zal komen te staan. Uit de statistieken van de Europese Centrale Bank (ECB) blijkt bijvoorbeeld dat er in 2016 in de Europese Unie maar liefst 122 miljard elektronische betalingen zijn uitgevoerd. Dit is een stijging met 8,5% in vergelijking met 2015. En ook in eigen land is deze stijgende trend merkbaar. Het bedrijf Bancontact noteerde in 2017 in totaal 1,4 miljard Bancontact-betalingen, een stijging van 3.76% vergeleken met 2016. Maar ondanks de gestage groei op het gebied van elektronische betalingen scoort België op internationaal vlak vrij middelmatig. Uit de cijfers van de ECB blijkt dat België met gemiddeld 151 elektronische betalingen per capita slechts op de tiende plaats in de Europese ranking staat. We moeten en kunnen dus als land veel beter doen. Dit is belangrijk omdat niet geheel onlogisch moet vastgesteld worden dat landen met weinig elektronische betalingen hoog scoren qua zwarte economie. Daar staat België op de 16de plaats in Europese Unie.

Elk land heeft er dus belang bij om de stap te zetten naar meer elektronisch betalen.

In een recente Zweedse studie werd gesteld dat Zweden reeds tegen 2023 volledig cash-loos zou kunnen zijn. Bij ons is een dergelijke radicale ommezwaai ondenkbaar en ook niet wenselijk. In de huidige tijdsgeest met voor- en tegenstanders komt het er voor het beleid eerder op aan om de maatschappij nu verder voor te bereiden op de digitale toekomst, niet door een verbod op cash geld in te voeren, maar wel door in eerste instantie te sensibiliseren en door meer elektronische vrijheid te organiseren.

Het enige wat de overheid nu doet is handelaars die investeren in een elektronisch betalingssysteem een fiscale stimulans toekennen onder de vorm van een verhoogde investeringsaftrek. Maar de overheid zou natuurlijk veel verder kunnen gaan.

Waarom zou men de handelaars die dat wensen niet de juridische vrijheid kunnen geven om enkel nog elektronische betalingen te aanvaarden?

En waarom zou men elke handelaar ook niet simpelweg kunnen verplichten om een elektronisch betalingssysteem ter beschikking te stellen aan de klanten? Dat zijn simpele maatregelen, die echter een wereld van verschil zullen maken in de transitie naar een cash-loze en minder fraudegevoelige maatschappij. Denk daar maar eens over na als u zondag uw pistolets gaat halen bij uw warme bakker.

Michel Maus is professor aan de rechtsfaculteit van de Vrije Universiteit Brussel. Hij is een van de vaste columnisten voor Radio1.be.

Herbeluister het gesprek met Michel Maus: