"Volgens mij is iedereen een zonderling, raar, abnormaal of anders"

21 juni 2020
© Jokko
Tot vorig jaar konden we Julie Van den Steen elke ochtend horen bij Peter Van de Veire op MNM. Daarna maakte ze de overstap naar VTM, waar ze stond te trappelen om haar eerste grote tv-show te presenteren. Maar zin om koortsachtig na te denken over haar "zogenaamde positionering" heeft ze niet.

Vroeger wou ik altijd zangeres of actrice worden. Mijn artiestennaam ging ‘Julie Stone’ zijn. Goed gevonden dacht ik. Tot mijn mama me zei dat Sharon Stone en Joss Stone er al waren. Ik ging dan naar de academie om drama en woord te doen na mijn schooluren. Toen hoorde ik vooral dat ik ‘normaler’ moest doen. Dat ik teveel buitenbeentje was. Dat hoorde ik ook toen ik ‘performde’ op familiefeesten op de tafel van mijn oma en heel luid ‘Oma’s Aan De Top’ van K3 zong.

Klopt misschien wel als ik er achteraf op terugkijk. Want ik luisterde graag naar radioshows en niet per se naar mooie jongens met blonde mèches in hun haren die over liefde zongen ergens op een strand in mooie videoclips. Ik fantaseerde vaak over zingen, dansen, acteren, maar meer en meer over radiomaken. En ja dat was niet ‘normaal’.

Uiteindelijk, toen ik 18 jaar was, en afstudeerde van de middelbare school, moest ik kiezen wat ik moest doen voor de rest van mijn leven. Althans zo voelde dat toch. Er waren duizend en één richtingen en ik moest er daar eentje uitkiezen. Leek bijna onmogelijk. Mijn eerste jaar heb ik 3 verschillende richtingen gedaan. Om uiteindelijk bij journalistiek terecht te komen waar ik kon kiezen tussen printmedia, radio of televisie.

Bij een studentenradio mocht ik mee ochtendradio maken voor ik naar school ging. En mijn liefde voor radio werd groter en groter. Het lijkt nog altijd zo onwezenlijk dat ik amper een maand nadat ik afstudeerde van journalistiek mocht beginnen als radio DJ bij MNM naast Peter Van de Veire op mijn 21e.

En nu, 6 jaar later, lijkt het me onwezenlijk dat ik een grote televisieshow ga presenteren op VTM. En toch gaat het gebeuren. Dit najaar. Een stap in de confettiwereld waar ik als jong meisje van droomde. Maar bij die confettiwereld hoort een keerzijde waar je soms onzeker van wordt. Als ik zeg dat ik graag iets wil doen in televisie, lijkt het voor sommigen alsof er een soort transformatie moet gebeuren naar glimmende prefab-presentatrice. Maar dat gaat niet gebeuren. Ook al wordt er verwacht of gevraagd om ‘zoveel mogelijk bloot te laten zien’ of vooral veel glinsterende kledingstukken te dragen. Ik ga mezelf niet verloochenen.

Hoe ik het nu zie; ik heb geen zin om koortsachtig na te denken over mijn zogenaamde positionering. Als ik dan toch een positie moet innemen, dan liefst die van iemand waar ik als 16-jarige zelf naar zou opkijken en iets aan zou gehad hebben. Dan liefst de positie waar mijn ouders nog altijd moeten lachen als ik iets doe. Want volgens mij is iedereen een zonderling, raar, abnormaal of anders.

En in 2020 voelt het alsof iedereen daar eindelijk voor uitkomt. Het is oké om je niet goed te voelen. Het is oké om te zeggen dat je geen bloot wilt laten zien omdat je een vrouw bent. Het is zeker oké om te zeggen dat je op vrouwen valt of mannen of dat je je vrouw noch man voelt. Black lives matter. Black Trans lives matter. Het is zeer herkenbaar en normaal dat je bang werd van een land (en wereld) in lockdown. Hoe of wat je voelt: het is oké. Trouw zijn aan jezelf is oké. Het is allemaal zeer oké.

Beluister de column van Julie Van den Steen voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig':

Lees ook:

Radio 1 Select