"Het zit hem in de kleine dingen. Mijn geluk, maar ook mijn verdriet. In de hele piepkleine dingen."

3 januari 2021
Ze nam deel aan 'De Slimste Mens ter Wereld' en raakte zo bij het grote publiek bekend. Maar misschien kende je Jennifer Heylen al van haar rollen in onder meer "Brak" en "Instafamous". Of je leert haar misschien nog kennen via haar nieuwste rol in "Bathroom Stories" op VRT NU, daar speelt ze Olivia. In 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig' schrijft ze over een voorval dat aan haar is blijven kleven, een aantal maanden geleden.

Het zit hem in kleine dingen

Op een doordeweekse dag van een doordeweekse week, in een wel heel gek jaar, ging ik met mijn vriendin Camille wandelen.
Haar lief Roel belde op z'n beurt. Dat deed hij wel vaker. Hij belde haar wel 20 keer per dag, al was het gewoon om te vragen waar ze zat.
Ik vond dat superromantisch, want mijn lief zou dat nooit doen. Maar moest hij het wel doen zou ik het superraar vinden. Wie belt er nu 20 keer per dag? En ik haat FaceTime. Maar dat is een verhaal voor een andere keer.

"Ik heb heb zin in wijn!" riep Roel, met zijn eeuwig enthousiasme en iets wat holle stem. "Ik wil wijn. Ik ga dat nu halen in de natuurwinkel, kom naar hier" riep hij, nog steeds even vriendelijk doch met een lichte dwang, die enkel Antwerpenaren beheersen.
Camille en ik wandelen tot de uitverkozen natuurwijnwinkel, alsof er tegenwoordig nog andere wijnen bestaan, en daar zit Roel. Wachtend.
We stallen ons uit tegenover het winkeltje, waar we met z'n drieën een geïmproviseerd terrasje bouwen. Met onze vlakke poep op het asfalt, elk met een plastieken bekertje in de hand. Beter dan dit wordt het niet. Coranao, snap je?

Er fietsen twee vrienden voorbij, die tot mijn verbazing enorm bruin zien. Hoewel het vrij warm was voor de tijd van het jaar, leek het wel of Lies terugkwam van een rondreis door Zuid-Oost-Azië. Eentje langs Thailand en Bali enzo, eentje die elke natuurwijnliefhebber wel eens gedaan heeft.
"Amai gij ziet bruin!" roep ik naar Lies nog voor ze bij ons staat. "Jaja, bijna even zwart als gij hé!" en even vlug als ze het zei, hield ze haar arm naast me, ter vergelijking. Ik lach mee. "Hahaha, ja nog efkes". Die mop heb ik wel al duizend keer gehoord. Die mop hoorde ik al meer keren dan dat Roel Camille Facetimede. En toch, lachte ik. Het gesprek liep op zijn einde, en ik zei "Nog goed bruinen op uw terras hé!" achtervolgend door hetzelfde awkward lachje als ervoor. Lies kopt terug, "en gij niet te lang meer in de zon hé!". Weer lach ik. Mijn interne dialoog start een debat, al even vurig als kleuters Trump en Biden. ‘Dat was een mopje Jenny, trek u dat niet aan’. ‘Een mopke!!?? Wat is daar grappig aan?’ ‘Humor is subjectief Jenny’. ‘Maar dan nog, daar is toch niks grappigs aan’. ‘Ja zeg trut, gij begint er terug over hé, nu moette niet wenen. ‘

Het zit hem in de kleine dingen. Mijn geluk, maar ook mijn verdriet. In de hele piepkleine dingen. De dingen als die mop van Lies die, hoe goedbedoeld, mij toch geraakt heeft. Zodanig hard dat ik hier nu, maanden later, toch over schrijf. 
Over die ene radiopresentator die mij al bellend voor nieuwjaar vraagt of ik denk dat ik nu rollen krijg omdat ik een goede actrice ben, of omdat ik zwart ben. En dat dat laatste wel binnen het huidig sociaal klimaat past. Alsof die twee dingen onverenigbaar zijn.

Maar de laatste tijd vraag ik mij iets af, over die kleine dingen. Wat als het hem niet in kleine dingen zit? Wie weet is die presentator niet ongevoelig met zijn veronderstellingen, maar vindt hij mij gewoon een waanzinnig slechte actrice. Dat is wel het minst racistische ding dat je kan doen, gewoon iemand fucking slecht vinden. Zo maar.
Wie weet is dat mopje, echt gewoon een goedbedoeld mopje? Ach. Misschien is het wel een soort van antiracistische placebo pil die ik gewillig slik, om maar niet te moeten geloven dat iemand, puur omwille van mijn huidskleur zo zou doen. Ik neem een pil, omdat ik wil geloven in de inherente goedheid van de mensen. Want hoe beter diegene rondom mij zijn, hoe beter ik ben, niet? Ik wil niet in een wereld leven waar mensen elkaar haten. Of één waar iemand mij 20 keer per dag belt.

Beluister de column van Jennifer Heylen voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig':

Ontdek de andere columns uit de uitzending: