Hoe houden we het vol?

22 april 2020
© Anthony Dehez (Belga)
Bijna 6 weken ver zitten we in onze lockdown. Met ten vroegste op 4 mei een lichtpuntje, dan worden de maatregelen mogelijk versoepeld. We snakken allemaal naar het normale leven. De verleiding wordt groter om er toch op uit te trekken met dit mooie weer. We dromen van terrasjes en vakantie met vrienden. Hoe houden we dit vol? Wat kan ons gemotiveerd houden? 'We Zullen Doorgaan' vroeg het aan Siegfried Dewitte, gedragswetenschapper aan de KU Leuven.

Waarom wordt het moeilijker om ons aan de maatregelen te houden? "We zijn gewoontedieren", zegt Siegfried Dewitte. Er zit altijd sleet op interventies en maatregelen. We zien heel vaak dat een interventie de eerste weken goed werkt, maar dat dan stilaan het elan verdwijnt en de gewoontepatronen terugkomen." Je kan het vergelijken met de goede voornemens met Nieuwjaar. Daar blijft soms na een week al niks meer van over. Ook bij recyclagecampagnes of ‘eet gezond-campagnes’, heb je al geluk als er op termijn nog iets van blijft hangen.

‘"Er zit sleet op de coronamaatregelen"

Sleet speelt hier ook een rol. Nog versterkt door het feit dat de maatregelen als tijdelijk worden voorgesteld. De opgelegde gedragspatronen zijn niet bedoeld om permanent te zijn, dus gaan ze ook minder makkelijk een gewoonte worden.

"Hoe langer de lockdown duurt, hoe harder we dingen beginnen te missen"

Activiteiten hebben een ritme. We eten bijvoorbeeld om de paar uur. "Als ik je net na een zware maaltijd zeg: ‘Nu mag je een dag niet eten’, vind je dat wel oké. Je bent verzadigd. Je hebt net aan je behoefte voldaan. Maar als ik je dat na 6 uur zeg, dan ligt dat veel moeilijker!" Zo hebben veel activiteiten een ritme, maar dat ritme is bij de meeste dingen trager dan bij eten. Veel dingen hebben een weekritme, op cafe gaan met vrienden bv of gaan sporten. Andere dingen hebben een maandritme, doe je om de maand, of nog langer, zoals bv familiebezoeken. De eerste weken vallen die noden mee, maar na een tijdje begint dat te wegen. Ieder van ons heeft zo’n set activiteiten met een zeker ritme, en voor veel dingen zijn we de comfortabele zone voorbij. 

Raken we ook niet ontmoedigd omdat de einddatum van de lockdown steeds verschuift?

"Ja, mensen denken: ‘Ze hebben ons eerst gesmeekt om mee te werken aan ‘flatten the curve’. Die platte curve is er nu. Waarom moeten we dan nog zo hard verder doen? We snappen het niet altijd." We moeten voortdurend onze verwachtingen downsizen. De steeds opschuivende einddatum van de lockdown ontmoedigt mensen en daardoor raken ze de maatregelen sneller beu."

We krijgen ook vaak verwarrende informatie. De laatste dagen is de berichtgeving over de evolutie van de epidemie in ons land voorzichtig positief. Tegelijk zeggen virologen dat we er nog lang niet zijn, dat het virus makkelijk weer kan opflakkeren als we er te laks mee omgaan. Er blijft veel onduidelijkheid. De regel van 1,5 meter lijkt duidelijk, maar is dat niet. Want wie van ons kan op 20 cm juist inschatten hoeveel 1,5 m is?

"Het virus is een ‘onzichtbare’ vijand"

Voor de meeste mensen blijft het virus uiteindelijk redelijk ‘ver van hun bed’. Natuurlijk niet voor mensen die ziek worden of er familie aan verliezen. De vijand is niet zichtbaar, je voelt de dreiging niet goed. Je hoort er alleen maar over. Je ziet niemand neervallen of sterven. Er waren wel die horrorbeelden uit Italië, maar we hebben geen beelden gezien van de ellende in Sint Truiden. Het maakt ook de connectie tussen je gedrag (bij je lief gaan slapen, een pintje drinken met vrienden) en de gevolgen (een persoon die te vroeg sterft) heel onecht.

De concrete narigheden voor veel mensen: met kinderen thuis telewerken, niet meer naar theater kunnen, moeten aanschuiven bij de winkel zijn daarentegen wel echt en zichtbaar en vervelend.

Bedenken we ook niet alsmaar slimmer excuses om ons niet aan de maatregelen te houden?

Zelfcontrole is heel belangrijk. Het wel of niet meedoen aan de maatregelen is voor een deel een zogenaamd zelfcontrole conflict. "Wat we bijvoorbeeld ervaren als we moeten beslissen om nog eens op te scheppen of niet, of we een koekje eten of een stuk fruit, en of we naar TV gaan kijken, of werken, of sporten. "Mensen gebruiken een groot deel van hun indrukwekkende hersenen voor het vinden van excuses in deze situaties : 'Ik mag nu een koekje eten want ik heb net gesport of net een stuk fruit gegeten. Ik ga morgen sporten, want nu regent het.'" Bij corona is het niet anders. 'Ik blijf bij mijn lief slapen, want op dat ene contact zal het nu wel niet aankomen.' De tweestrijd wordt groter naarmate de tijd vordert. We worden steeds slimmer in excuses, we nemen ze ook van elkaar over.

Is het foute gedrag van een ander ook niet besmettelijk?

In deze nieuwe situatie zijn we extra gevoelig voor wat anderen doen. Er zijn nogal wat overtredingen. Eerst is er verontwaardiging, maar dan volgen ook snel gevoelens van oneerlijkheid. "Waarom mag die wel naar zijn buitenverblijf en ik niet? Waarom mag die wel een pintje gaan drinken bij zijn vrienden en ik niet? Als je die toer opgaat, krijg je snel een verglijding." 

Wat kan de overheid doen om te zorgen dat we volhouden?

"Heldere communicatie is cruciaal. Dat loopt vrij goed, maar uiteraard wordt niet iedereen bereikt en zijn er nogal wat inconsistenties. Ook in de berichtgeving. Boetes uitdelen bij overtredingen blijft een noodzakelijk kwaad. Om een grens te stellen waar mensen niet over mogen. Dat is soms essentieel om de medewerking te behouden. Niet zozeer van de gestraften, maar vooral van de anderen die zich oneerlijk behandeld voelen."

Tegelijk kan de overheid ons ook op een positieve manier aanzetten om de regels te volgen. Door nudging: mensen subtiel stimuleren om vol te houden. Met kleine soms heel simpele dingen die dat duwtje in de rug geven. Geef positieve signalen : bedank, ondersteun telewerk, organiseer social events op afstand, toon positieve verhalen of wat er zou gebeurd zijn als de maatregelen niet genomen waren. 

"Speel meer op de emotie", zegt Dewitte. "Laat zieke mensen zien en getuigen. Leer mensen met filmpjes of apps wat 1.5 meter is! Leer mensen hoe ze mondmaskers maken. Leg uit hoe je beleefd kan vragen aan een ander om je aan de maatregelen te houden. Zeg dat het oké is om naar de berm uit te wijken als een tegenligger te dichtbij komt. Mensen doen het niet want het hoort niet, het lijkt asociaal. 

Om het juiste gedrag uit te lokken, moeten er concrete nudges zijn. Dat helpt om het gebrek aan kennis te ondersteunen.De gekleurde tegels bij de frituur bv zijn van onschatbare waarde. Of stoelen afplakken in de bus, dat had al veel eerder gemoeten. Of strepen op paden of straten om de 1.5 m te tonen enz.

De collectieve gevoelens zijn er nu, en dat is uniek, wakker die nog wat meer aan! Dat kan ook helpen om die venijnige gevoelens van oneerlijk behandeld te worden, te temperen. De vrijwilligersverzekering is bv een heel goede maatregel. Of de berenjacht en de balkonconcerten. Maar ook daar treedt er gewenning op natuurlijk. Dat blijft niet werken. Maar door die nudging houden we het samen vol!

Lees ook:

Radio 1 Select