"Hoe kwamen er condooms in mijn klimop terecht?"

13 oktober 2017
De Antwerpse ring lag gisteren vol met een witte substantie. Maar ook Sam De Graeves klimophaag heeft al te maken gehad met witte substanties. Gevulde condooms om precies te zijn. Maar wat voor perverseling laat na zijn gevogel zijn goedje achter in de haag van de bedenker van De Slimste Mens. Sam De Graeves laatste middagjournaal is een ware whodunit, maar wel één met een verrassend einde.

Gisteren lag er over de hele breedte een witte substantie op de Antwerpse ring. Het bleek om calciumcarbonaat te gaan en het veroorzaakte een hele file.

In onze klimop hing dit voorjaar ook een witte substantie. Het bleek om condooms te gaan. Een bizar gemengd huwelijk van krachtige, veel te stevig woekerende klimop met slap naar beneden hangend rubber. Hoe kwamen die condooms daar toch? Eén verdwaald condoompje, dat kon ik nog begrijpen, maar een hele familie?

Was het versiering, de voorbereiding van een verrassingsfeestje voor mijn sterilisatie? Vrienden die me duidelijk wilden maken dat het feest voor dat orgaan van me over is, dat ik het mag laten hangen? Gefascineerd sneed ik de klimop bij, af en toe een rubber met dichtgeknepen neus tussen duim en wijsvinger uit de bladeren plukkend. Dit nader onderzoek leerde me dat de condooms ook nog eens gevuld bleken te zijn.

De muur waar de klimop op groeit, is niet zo gepositioneerd dat de buurman er met een zwaai na gedane arbeid vanuit zijn bed zijn elastiekje in kan gooien. Het zou best wel een aparte manier zijn om de andere buren te leren kennen, met gevulde zakjes aanbellen en vragen of ze iets verloren zijn. Zal ik het DNA laten onderzoeken? Enkele huizen verder is een rendez-vous hotel, maar zelfs een hamerslingeraar zie ik het geribbelde gerubberte niet zo ver gooien.

Wat met onze dochters? Die hun slaapkamers liggen aan de andere kant van het huis op de bovenste verdieping. Ze hebben hun eigenaardigheden, maar ik kan moeilijk aannemen dat ze na de daad met het rubbertje heel het huis door lopen en dan de tuin ingaan om het vervolgens hoog in de klimop te gooien.

En dan zagen we de dader. 

We betrapten hem op heterdaad.

Het was verdorie de vogel die vogelde en nesten bouwde. Met spermazakjes in zijn bek bouwde de Merel in zijn nest aan een waterbed voor zijn familie.

Het zaad was niet op de rotsen gevallen.

Radio 1 Select