Hoe meer gendergelijkheid, hoe minder meisjes kiezen voor technologische studierichtingen

20 februari 2018
Een bizarre paradox.

Gijsbert Stoet is professor psychologie in Leeds. Hij volgde een half miljoen tieners in 67 landen. En wat blijkt? Hoe meer gelijkheid er is tussen jongens en meisjes, hoe minder die meisjes kiezen voor een technologische of wetenschappelijke studierichting.

“België is een goed voorbeeld” zegt Stoet in Nieuwe Feiten. “In België is het percentage jonge vrouwen dat kiest voor een ingenieursvak of iets dergelijks minder dan 20 procent. In Tunesië is dat bijna 40 procent.”

Er zijn dus twee factoren die moeten verklaard worden. Waarom kiezen Belgische meisjes liever niet voor een wetenschappelijke richting? En waarom doen meisjes uit andere landen dat wel?

Een van de factoren die Stoet onderzocht heeft, is wat voor elk kind het beste vak is. En dat schijnt een rol te spelen. Jongens zijn over het algemeen beter in exacte vakken dan in talen. Voor meisjes geldt het omgekeerde: ze zijn vaker beter in talen of psychologie, en net iets minder goed in wetenschappelijke vakken. “Meisjes bij ons kiezen voor een vak waar ze het beste in zijn – zoals talen dus - ook al zijn ze goed in exacte vakken.” Dat verklaart de keuzes van de Belgische meisjes.

Maar hoe zit het dan met die meisjes in landen waar er minder gendergelijkheid is? “Meisjes kiezen daar voor een vak dat ook een financiële zekerheid geeft” zegt Stoet. In Westerse landen, daarentegen, kan men zich permitteren om een vak te kiezen dat men gewoon leuk vindt, maar waar je in Turkije of Tunesië geen droog brood mee zou verdienen.”

“We moeten heel voorzichtig zijn met deze bevindingen” zegt Stoet ook nog. “We praten hier natuurlijk over gemiddelden. Want er zijn natuurlijk ook een heleboel vrouwen die het gewoon hartstikke leuk vinden om ingenieur te worden, en die er goed in zijn.”

Lees ook: