Hoe vaker mensen online informatie opzoeken over hun gezondheid, hoe angstiger ze zich achteraf voelen

4 oktober 2018
Meer dan 90 procent gebruikt het internet wel eens om op te zoeken wat hun kwaal zou kunnen betekenen. De kans is dus bijzonder groot dat jij ook gebruik maakt van 'Dokter Google'. Maar gezonder zal je niet van worden, zegt psycholoog Leslie Hodge. Integendeel.

Zoek je ziek

"Ik heb al een tijd last van hoofdpijn, ook mijn schouders zitten vaak vast. Vooral de hoofdpijn speelt me parten. Een drukkende, zware pijn komt te pas en te onpas op. Volgens mijn huisarts is het stress. Maar via Google vind ik dat de oorzaak veel ernstiger kan zijn. Op internet staat namelijk dat mijn klachten kunnen overeenkomen met een hersentumor."

Voor mij zit een succesvolle veertiger. Meer het filosofische, creatieve type. De man is erg angstig over zijn gezondheid. Altijd al geweest, vertelt hij. Voor de minste kwaal gaat hij op raadpleging bij Google. Dokter Google geeft hem dan een onuitputtelijke bron aan mogelijke diagnoses. De ergste onthoudt hij. Hij kan het relativeren en rationaliseren zegt hij, maar toch steekt de paniek af en toe de kop op.

Enkele decennia geleden, voor Google bestond, gingen we met klachten die ernstig waren of lang aansleepten naar de dokter. Vandaag doen we massaal aan zelfdiagnose via het internet.

Meer dan 90 procent gebruikt internet wel eens om op te zoeken wat hun kwaal zou kunnen betekenen. Al worden we daar niet gezonder van, zo blijkt. Integendeel.

Een recent onderzoek aan de Vrije Universiteit Amsterdam toont aan dat hoe vaker mensen online informatie opzoeken over hun gezondheid, hoe angstiger ze zich achteraf voelen. De gevonden informatie verontrust ons namelijk nog meer. Mensen gaan vooral aandacht besteden aan de informatie die bevestigt dat er zogezegd iets aan de hand is. Daardoor maken we ons vaker zorgen, onterecht.

Cyberchondria is het label dat men op de extreme vorm ervan heeft geplakt. Onderzoekers Horvitz en Whyte omschreven het als "een ongegronde en overdreven bezorgdheid over de eigen gezondheid door het
bezoeken van medische websites".

Via dokter Google komt er plots een enorme poel aan potentiële problemen en ziektes op je af. Je typt hoofdpijn in via de zoekmachine en strandt uiteindelijk op een website over een agressieve tumor die op enkele maanden je leven kan kosten. De kans dat je in paniek naar de dokter rent, een hersenscan en tests eist om die agressieve kanker uit te sluiten is groot.

Maar zijn die sites met informatie wel betrouwbaar? Waar staat die kwaliteitscontrole? Kan je het advies op jouw specifieke situatie toepassen? Interpreteer je de medische termen op een correcte manier?
Word je niet bedot door sites die geldgewin uit je bezorgdheid willen slaan en voor enkele dollars nutteloze tests aanbieden? Dokter Google levert dus meer vragen dan antwoorden.

Google werd vorige week 20 jaar. Ik wens de zoekmachine een gelukkige verjaardag.

Uiteraard reikt Google een onschatbare bron aan informatie aan. Bovendien bestaan er wel degelijke en betrouwbare sites met medische info. Maar duidelijke kwaliteitslabels en selectievere zoekfuncties die relevante informatie leveren zouden ons al heel wat angst kunnen besparen.

Gezondheid is je hoogste goed. Ook al werkt dokter Google snel en makkelijk. Het is vooral erg onpersoonlijk. Je huisarts blijft de beste optie voor medisch advies. Je krijgt geen 4 miljoen resultaten in 0,38 seconden. Maar de kans dat je met een diagnose naar buiten stapt die effectief op jou van toepassing is, is alleszins groter. Dus laat die prille twintiger qua gezondheidsadvies voorlopig voor wat hij is. En ga voor kwaliteit inplaats van snelheid en kwantiteit.

Leslie Hodge is klinisch psycholoog en journalist, ze heeft een praktijk Strong Mind in Antwerpen en is auteur van het boek ‘Verborgen Kopzorgen’ . Ze is een van de vaste columnisten voor radio1.be

Lees ook:

Radio 1 Select