"Iedereen plast toch wel eens in het zwembad"

3 maart 2017

Het zijn barre, donkere tijden waarin we leven.

De leider van het machtigste land ter wereld is een slechte tekenfilmfiguur, het klimaat is volledig van slag en bovendien blijkt er nu ook nog eens zo’n 75 liter urine in het water van een gemiddeld openbaar zwembad te zitten. In procenten uitgedrukt, is dat niet zo heel veel maar toch: elke liter lijkt me er op dat gebied eentje te veel.

Maar het is zoals Michael Phelps zelf al zei toen het nieuws bekend werd gemaakt: iedereen plast toch wel eens in het zwembad

Dat klopt ongetwijfeld, maar zoals steeds kan het ook erger. Ik zou u nu graag adviseren om als u aan het eten bent, daar even mee te stoppen. Zoals wel meer kinderen vroeger, moest ik als lagere scholier ook de alom gekende buisjes in mijn oren laten steken. Op dat moment had ik geen idee wat het nut daarvan was, ik wist enkel dat ik door de schuld van die ondingen tot mijn grote spijt niet mocht deelnemen aan de zwemlessen. Om het allemaal nog wat erger te maken, moest ik wel met de rest van de klas mee naar het zwembad om daar dan aan de rand op een bankje te zitten en toe te kijken hoe mijn leeftijdsgenootjes wél leerden zwemmen.

Tot op een dag die jaloezie in een klap verdween. Nogmaals, u kan nog altijd stoppen met eten

Het begon als de zoveelste zwemles, dolle pret voor 19 van de 20 kinderen, doffe ellende voor die ene die rare voorwerpen in z’n oren had. Die dag werd er geoefend op het duiken. Vanop mijn bankje zag ik iedereen aanschuiven aan de rand van het diepe deel, de ene al met een sierlijkere boog dan de andere het water induiken en weer opnieuw gaan aanschuiven. Tot het -echt, nu kan u nog stoppen met eten- de beurt was aan W. Ik zal enkel z’n initiaal gebruiken.

W klaagde al de hele dag over buikkrampen, maar zoals toen het beleid was: als je er nog veel over zeurt, krijg je er een draai rond je oren bovenop

Toen hij z’n tweede of derde duik nam, moet er echter iets geknapt zijn. Zoals de keren daarvoor zwom W naar de andere kant van het zwembad terwijl zijn opvolger al aan z’n aanloop begonnen was. Op dat moment nam ik vanop mijn bankje alles waar in slow motion.

Vanuit mijn positie, had ik namelijk al eerder gezien dat er vanuit de diepte iets langzaamaan naar boven kwam gedreven. Ik probeerde nog te roepen, maar de gebeurtenissen waren onherroepelijk in beweging gezet. De arme jongen die na W aan de beurt was, kon niet meer afremmen. Ik zag hoe hij zich afzette aan de rand, zijn lichaam in de juiste hoek boog en nét voor hij het wateroppervlak zou breken, opmerkte waarin hij ging terechtkomen.

Het duurde alles samen misschien drie seconden, maar het leek een eeuwigheid.

Ik heb toen die buisjes na een hele tijd uit m’n oren mochten, uiteindelijk nog wel leren zwemmen.

Alleen het brevet waarvoor je eerst vanop de rand in het water moest duiken, heb ik bewust nooit gehaald.