“Ik ben nooit aanhanger van de vrije liefde geweest. Lut, dat was het lot”

6 mei 2018
In mei ‘18 blikt Touché terug op mei ’68. Protestleider Paul Goossens, later hoofdredacteur van De Morgen, bijt de spits af. Hij spreekt openlijk over de (vrije) liefde en de hoop op een betere wereld, twee thema’s die hun stempel gedrukt hebben op de jaren '60.

“Ik was geen aanhanger van de vrije liefde”, zegt Paul Goossens. “Ik zou het nooit verkondigd hebben. Maar de ideeën waren helemaal anders in de jaren ‘60. Die veranderden in vergelijking met wat ons was voorgehouden, dat vrijen enkel in het huwelijk kon.”

“In 1968 was er nog een encycliek die zei dat je enkel de liefde mocht bedrijven in het kader van de voortplanting, maar ik denk niet dat wij dat nog in het middelbaar onderwijs gehoord hebben. De mentaliteit van de jongere generatie van dat ogenblik had dat al goed achter zich gelaten.”

Liever verduidelijking dan hypocrisie

“Ondanks alle theorieën over vrije liefde, was er bij de meesten een overtuiging dat je met je partner een unieke en duurzame relatie moest hebben. Dat was het beste. Maar je mocht dat ook niet nodeloos rekken. Als het niet ging, was het beter dat je verduidelijking in plaats van hypocrisie koos.”

Lenige liefde

'Peggy Sue' van Buddy Holly herinnert Goossens aan zijn eigen unieke en duurzame relatie. “Die muziek sprankelde zo, die was zo intens, vinnig, levendig. Op ‘Peggy Sue’ heb ik tot in de hele vroege uurtjes nog gedanst met Lut, mijn vrouw, toen we nog de lenige liefde konden beoefenen. Nu is het iets rustiger.”

Ik leerde mijn vrouw Lut kennen dankzij Herman De Coninck

De lenige liefde, dat doet Goossens dan weer denken aan Herman De Coninck. “’De lenige liefde’ is een titel van een van zijn eerste dichtbundels. Herman was een klasgenoot van mij, van in het middelbaar. En het is dankzij hem dat ik Lut heb leren kennen. Zij was goed bevriend met Herman, ze deelden grote belangstelling voor de poëzie. Op een zeker ogenblik, toen ik met Herman nog eens op de lappen ging in Leuven, was zij daarbij.”

Paul, de wielrenner

“Lut kende mij nauwelijks op dat ogenblik, omdat Herman er een joke van gemaakt had dat ik een gekend wielrenner was. Dat heeft hij de hele avond volgehouden, ik heb dat meegedaan. Heel grappig.”

Zonder Lut was het waarschijnlijk fout gelopen, zij was mijn trouwste medestander

“En dat is het groot lot van mijn leven geweest. Zonder Lut was het waarschijnlijk fout gelopen. Zij was mijn trouwste medestander, altijd. Ook al heb ik op zekere momenten dwaasheden gedaan. Dan kreeg ik dat wel goed te horen. Ondanks het feit dat we al lang bij elkaar zijn, beoefenen we de kunst – of de noodzaak – van de kletterende ruzie bij momenten nog.”

“Zij heeft mij twee prachtige zonen gegeven. Die opvoeding, daar ben ik veel te weinig in tussengekomen. Dat heeft zij in feite gedaan. En prachtig gedaan, vind ik.”

Afscheid op muziek

Ook Jacques Brel passeert de revue, met ‘Orly’. “Wat hij zingt, dat is afscheid nemen. Hij heeft zijn eigen afscheid op muziek gezet. In de luchthaven of in treinstations zie je soms zulke momenten, van twee mensen die afscheid nemen, waarvan je je de vraag stelt, is dit nu voor altijd? Ik zit graag in een treinstation, maar vertrekkende mensen kan ik niet meer bekijken zonder Brel te horen in mijn achterhoofd.”

In treinstations zie je soms zulke momenten, van twee mensen die afscheid nemen, waarvan je je de vraag stelt, is dit nu voor altijd?

“En die magnifieke stem, die hebben we op een bepaald moment verketterd in Vlaanderen. Er was een perscampagne dat Brel scabreuze dingen gezegd had over de Vlaming. De vrije meningsuiting, het telde allemaal niet. Pleidooien om hem niet meer op deze radio te draaien, hoe klein kun je zijn?”

Openheid

“We leven hier in Vlaanderen, Vlaanderen is een deel van België, van Europa. In Leuven waren we betrokken op de hele wereld, maar we waren ook met ons eigen land bezig. Ik zou willen dat Vlaanderen meer openheid op de wereld heeft, op Europa. Dat het zich niet op een identiteitssyndroom gaat terugtrekken.“

“Mijn hart krimpt als je identiteit in de handen van de politiek geeft. De identiteitsgevechten over wie wij zijn als Vlamingen hebben mede tot gevolg - en misschien tot doel - om de economische tegenstellingen in dit land, de ongelijkheid, te verbloemen.”

“Het verschil van wat een leefloner krijgt en wat een kamervoorzitter verdient, dat is enorm. En politici verdienen nog maar een fractie van wat CEO’s verdienen. Een CEO die 100 keer meer verdient dan het minimumloon, 200 keer meer dan een leefloner, waarom is dat nodig?”

Een CEO die 200 keer meer verdient dan leefloners, waarom is dat nodig?

“Ik was woordvoerder van een generatie, in de jaren ’60. Misschien moet ik dat opnieuw worden van de senioren en zeggen: stop met het gekanker en het gezeul over de kwaaltjes, over al het zurige. Nee, zet je in voor een betere wereld. Het is mogelijk, je kunt dingen veranderen.”

In Touché komen nog de hele maand gasten met een prominente rol in de mei ’68-beweging aan het woord. Volgende week komt Dolle Mina Chantal De Smet naar de studio.

Radio 1 Select