"Ik dacht dat er voor mij niet zo veel zou veranderen, want ik ben altijd al alleen met mijn gedachten"

21 juni 2020
Toni Coppers is een schrijver met een introverte aard. Aan het begin van de coronacrisis dacht hij nog dat er voor hem niet veel zou veranderen, want hij is sowieso graag alleen. Maar dat bleek toch tegen te vallen.

In alle berichtgeving over de COVID-19-pandemie was er één boodschap die telkens en met de regelmaat van een klok weer opdook: hoe de introverten en de schuchteren onder ons stiekem opgelucht waren dat er een quarantaine heerste. Er moest opeens veel minder, de agenda sijpelde leeg, het leven werd stiller. Eindelijk stelden we met zijn allen dat dwaze van hot naar her geloop in vraag, die manie om nòg maar eens een afspraak in de dag te wringen, nog een nieuwe kroeg of restaurant of evenement waar iedereen over praatte, want je zou godbetert maar eens iets moeten missen.

Overal was minder gebral.

Ik reken mezelf bij de introverte mensen die, als ze de keuze hebben, het feestje liever achteraan aan een tafeltje meemaken dan vooraan op het podium, en dus dacht ik bij het begin van de coronacrisis dat er voor mij niet zo gek veel zou veranderen. Ik ben immers altijd al alleen met mijn gedachten. Mijn schrijfkamer heeft een grote dakkoepel maar geen raam. Mijn “berenhol” noem ik het, veilig en geborgen, weg van de buitenruis. Ik werk meestal in stilte.

Dat gevoel van splendid isolation, van deugddoende afzondering, bleef echter niet duren. Zelfs de meest introverte, “graag-alleen-mens” wil eigenlijk niet langer dan een zélfgekozen tijdje alleen zijn.

Het gemis werd groter, de huidhonger ook.

Prachtig woord, vind ik dat, je voelt het bijna als je het uitspreekt, het gehunker naar de warmte van iemands huid, de zaligheid van een knuffel. Dàt gemis, die afwezigheid ervan in alle omstandigheden, dat toont de échte gruwelijke tronie van dit virus: wat menselijke warmte is gevaarlijk, hoe afstandelijker we met elkaar omgaan, hoe veiliger we zijn. Zovele mensen gingen dood in de grootst denkbare eenzaamheid, ingepakt in plastic, zonder aanraking, zonder troost, zonder knuffel, en of ze nu bang waren, of onwetend, of hoopvol tot de laatste seconde, we weten het niet en we zullen het nooit weten.

En dat raakte ons, geloof me maar. Deze week waren er berichten over hoe het er op sociale media veel ranziger aan toe gaat dan vijf jaar geleden. Het omgekeerde is echter ook waar maar dat haalt zelden de krant: ik zag nog nooit zoveel berichten voorbijkomen over gemis, over troost, over elkaar steunen.

Ik hoop dat we door Corona allemaal wat minder stoer geworden zijn. Dat hoop ik echt.

In mijn nieuwe boek beschrijf ik een meer dan veertig jaar oud experiment dat wereldberoemd is geworden als het ‘Konijneffect’. In 1978 deed een groep onderzoekers met een paar dozijn konijnen een eenvoudig experiment om het rechtstreekse verband tussen hoge cholesterol en hartziektes aan te tonen. Alle konijnen kregen hetzelfde, dodelijk vette dieet. De meeste ervan stierven zoals verwacht snel, maar één groepje bleef langer dan de andere dieren gevrijwaard van hartaanvallen en andere ziekten. Ze ontdekten dat de onderzoekster die dat groepje onder haar hoede had, hen niet alleen voedde maar de beestjes ook vastpakte, hen knuffelde en tegen hen praatte. Het experiment werd overgedaan, en daarna nog eens, en in de volgende jaren nog talloze keren, en telkens opnieuw bleven zowel de resultaten als de conclusie dezelfde: warme relaties verlagen stress en bloeddruk en boosten het immuunsysteem.

Dat het konijnen zijn die ons dat hebben geleerd, is geen toeval. Thuis hebben we jarenlang twee loslopende konijnen in onze tuin gehad, een wit en een zwart. Als ik ’s ochtends naar mijn schrijfkamer liep, kwamen ze naar me toe. Er is weinig zo vertederend en grappig als een konijn. Daarenboven raken ze door hun voortdurende gehuppel hun onnozele imago nooit meer kwijt, en dat is heerlijk. Uiteindelijk komt het allemaal neer op een glimlach en een beetje vriendelijkheid. Da’s niet zo moeilijk, toch?

Beluister de column van Toni Coppers voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig':

Lees ook:

Radio 1 Select