"Ik kijk altijd uit naar de Nobelprijzen. En niet alleen om te horen welke blanke oude man nu weer heeft gewonnen"

16 oktober 2017
Hetty kijkt ieder jaar uit naar de Nobelprijzen.
Hetty Helsmoortel is kankeronderzoekster aan het UGent. Het zal je dus niet verbazen dat ze ieder jaar uitkijkt naar de uitreiking van de Nobelprijzen. Niet alleen om te weten welke blanke man van middelbare leeftijd met welke prijs naar huis gaat, maar ook omdat ieder jaar alle laureaten van 50 jaar geleden bekend worden gemaakt. Zo werd in 1938 Henriette Van België, zus van Albert I, genomineerd voor de Nobelprijs voor de vrede. Waarom ze werd genomineerd, hoort u morgen in Nieuwe Feiten.

Ik heb voor u met veel plezier een middagjournaal van een halve oktober samengesteld. Met helemaal vooraan: de uitreiking van de Nobelprijzen. Ja, ik kijk er toch elk jaar weer naar uit. Niet alleen om te horen welke blanke man van middelbare leeftijd precies met welke wetenschapsprijs aan de haal gaat, ook omdat met elke nieuwe onderscheiding een 50 jaar oud geheim openbaar wordt.

Er zijn namelijk sinds 1901 duizenden mensen genomineerd zonder ooit de prijs te winnen of zonder zelfs maar te weten dat iemand hen naar voor had geschoven. Tot vijftig jaar na datum, want alle nominaties worden een halve eeuw verzwegen. Dit jaar horen we dus eindelijk wie volgens wie in 1967 recht had op een Nobelprijs. Want ja, ook de naam van de nominator wordt gelost.

De databank is niet volledig up-to-date, maar je kunt er gemakkelijk een halve dag in rond snuisteren. Dat heb ik afgelopen weekend ook gedaan. Op zoek naar Belgische genomineerden bijvoorbeeld. Of op zoek naar vrouwelijke genomineerden, want amper vijf procent van alle laureaten was ooit een vrouw.

En wat blijkt? Die twee verzamelingen hebben een doorsnede met één gemeenschappelijk element. U hoort het goed, er is ooit één Belgische vrouw genomineerd voor een Nobelprijs. Die voor de vrede. Haar naam? Prinses Henriette van België, de oudste zus van koning Albert de Eerste – zo leert Google mij.

In 1938, aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, wordt ze voorgedragen door twee Franse staatsmannen: Rillart de Verneuil en Marquis de Juigné. Waarom ze haar nomineren staat niet in de databank vermeld. Een politieke zet? Of een oprecht geloof in de goedheid van de vrouw? Ook internet geeft me op het eerste zicht weinig uitsluitstel; het antwoord zit wellicht ergens diep verborgen in geschiedenisboeken.

Wie me méér kan vertellen over het leven van deze mogelijks erg nobele vrouw, is trouwens van harte welkom. Ik kan u in ruil daarvoor – indien gewenst natuurlijk – bijpraten over kanker, CRISPR of DNA. Zo werken we alvast aan wat interdisciplinariteit, iets waar Alfred Nobel misschien wel blij mee zou geweest zijn.

Maar vooral: uitwisseling van kennis en expertise hoeft zich helemaal niet te beperken tot het eigen vakgebied.

Middagjournaal 16/10/2017