"Ik moet verdedigen dat ik acteur ben, maar mijn job is niet anders dan die van een verpleger"

5 januari 2020
De cultuurbesparingen die de Vlaamse regering onder minister-president Jan Jambon (N-VA) doorvoerde, zinderen nog steeds na. Wim Opbrouck heeft door de besparingen meer dan ooit het gevoel dat hij zijn beroep moet verdedigen, zo vertelt hij in 'Touché'.

"Er wordt veel fake news verteld door anti-culturele fans. Zij zeggen dat cultuur een hobbyclub is voor de linkse elite en dat er alleen maar wordt opgetreden voor halflege zalen", vertelt Wim Opbrouck. "Maar dat is pertinent onwaar, want de mooiste actie die we zagen waren de duizenden foto's van volle zalen."

Job verdedigen

"De kunstenaar wordt als overbodig beschouwd, nu weer meer dan ooit", gaat Opbrouck verder. "Na mijn afstuderen moest ik mijn keuze voor acteren al verdedigen en nu is dat ook weer zo. Het lijkt nu alsof mijn job overbodig is, maar mijn job is niet anders dan die van een verpleger. Uiteraard moeten er dingen gereorganiseerd worden, ook de regering kan een reorganisatie gebruiken, maar dan treed je toch eerst samen met de sector in discussie?", vraagt Wim Opbrouck zich af.

Kritische sector

"De subsidies, los van het financiële en de return of investment die er wel degelijk is, zijn er ook ongelofelijk veel toeleveranciers die leven van de culturele sector! En dan lees ik zoveel commentaren op nieuwswebsites over mensen die hun werk zonder subsidies moeten doen, maar vaak zijn dat ook opdrachten die gegeven worden vanuit die sector!"

"Toen ik directeur was van NT Gent heb ik me ook vaak afgevraagd of we dingen niet anders moesten aanpakken, een beetje moesten afslanken. Maar er zit zoveel zingeving en ook sociale tewerkstelling in onze sector... Er zouden heel wat mensen opnieuw in werkloosheid belanden mochten we dingen anders aanpakken. Naar mijn gevoel gaat het politiek om een afrekening, want de kunstensector is kritisch natuurlijk."

Verruwing

Wim Opbrouck ziet ook de maatschappij veranderen: "We hebben heel lang geleefd in de verzuring en nu hoor en zie ik alleen nog maar verruwing. We zijn in België en de rest van Europa niet meer gastvrij en daardoor moeten wij ons verdedigen".

Maar Opbrouck verliest de moed niet, want hij ziet ook een lichtpuntje: "Er is iets wakker gemaakt, ook bij ons publiek, dat hopelijk de grenzen van de sector zal overschrijden."

"Er wordt wel eens gezegd 'never waste a good crisis' en dat geldt zeker nu."