“Ik pleit voor Engels als communicatietaal in België”

23 juni 2018
Filosoof, econoom, hoogleraar en Brusselaar Philippe Van Parijs heeft een plan. Hij vindt dat ons land gediend is met het Engels als communicatietaal. Het zou alle gemeenschappen in ons land meer verenigen.

“Ik ben voor alle duidelijkheid geen voorstander van het Engels als officiële taal”, wil professor Philippe Van Parijs eerst en vooral verduidelijken. “Ik ben voorstander van het Nederlands, het Frans en het Duits als primaire talen in hun eigen regio’s. Maar in de 21ste eeuw kunnen we niet over talen spreken zonder het Engels mee te nemen.” Veel jongeren spreken volgens Van Parijs nu al beter Engels dan er vroeger Frans werd gesproken. “In de groep van 15 tot 24-jarigen is het Engels nu al de tweede taal. Vlaamse jongeren spreken het beter dan Frans en Waalse jongeren beter dan Nederlands.”

Miraculeus compromis

Het gebruik van het Engels als officiële taal is volgens de winnaar van de prestigieuze Francquiprijs ook een manier om de taalgroepen dichter bij elkaar te brengen. Engels wordt gekozen volgens het ‘Maximinprincipe’. “Dat is een principe waarbij de situatie wordt aangepast ten voordele van de meest benadeelde. Doorgaans spreekt een Franstalige minder goed Nederlands dan een Nederlandstalige Frans. Engels vormt dus een perfecte brug tussen de twee. Bovendien is het Engels ook een miraculeus compromis tussen het Nederlands en het Frans, want de taal vindt zijn oorsprong bij zowel het Frans als het Nederlands.”

“In Brussel pleit ik wel voor drietaligheid”

Is het kiezen voor het Engels dan geen gemakkelijkheidsoplossing en moeten we niet gewoon wat meer ons best doen? “Met lucifers in de handen kunnen we onmogelijk tegen de stroom inroeien”, vergelijkt de Brusselse Emeritus, die vindt dat de taalevolutie die nu bezig is al lang niet meer valt tegen te houden. “En dat is ook niet erg. We moeten niet terug naar het La Belgique de bon papa, waar niemand zich aanpaste. Zoals ik al zei vind ik wel dat elke gemeenschap zijn eigen taal moet blijven spreken, maar in Brussel zou ik toch pleiten voor drietaligheid. In een kleine oppervlakte als die van Brussel het is echt nodig en de kinderen zullen daar ook toe in staat zijn.”

“Het mag onze versie van het Engels zijn”

Het gaat Van Parijs vooral om de verbindende functie van het Engels, die in informelere settings naar voor zal komen. “In het parlement pleit ik voor een verderzetting zoals het nu is met tolken”, vertelt hij. “Maar in de wandelgangen, en alles wat informeler is, pleit ik voor het Engels.”
De verandering zou grotendeels vanzelf komen volgens van Parijs, omdat die nu ook al volop bezig is. De kwaliteit van het Engels is minder van belang. “Het moet ons vooral in staat stellen te communiceren, het Engels zal geleidelijk aan toch alleen maar beter worden. We moeten geen schroom hebben het te spreken, het mag ons Engels zijn.”

Al de bevindingen van professor Van Parijs zijn te lezen in zijn boek ‘Belgium, een utopie voor onze tijd’