"Ik voel me niet goed als ik niet fotografeer. Het is een manier om van de wereld te houden en om dingen te begrijpen"

5 september 2021
Harry Gruyaert is al veertig jaar lang Magnumfotograaf. Een half leven, want eind augustus werd hij er tachtig. Een leeftijd waar hij niet graag aan herinnerd wordt. Want zijn geest en goesting zijn altijd jong gebleven. Hij trok als modefotograaf naar Parijs en Londen, ontdekte het licht in Marokko en Rusland, en ontdekte zijn geboorteland België pas toen hij er al lang niet meer woonde.

Harry Gruyaert is altijd in beweging en leeft al heel zijn leven lang achter zijn lens. Geboren en getogen in Antwerpen, reisde hij de wereld rond om uiteindelijk te eindigen in Parijs. Voortdurend experimenterend met kleur en licht, probeert hij de wereld rondom zich op te nemen en vast te leggen. “Ik ga altijd zonder plan op stap en laat me leiden door mijn intuïtie”, vertelt Gruyaert. “Het is belangrijk dat je alles loslaat en op je af laat komen. Ik reis ook graag rond en hou ervan om me onder te dompelen in vreemde landschappen en culturen. Ik hecht me liever niet aan één cultuur. Ik wil blijven openstaan voor verschillende invloeden en ervaringen.”

Naast fotografie is film ook altijd heel belangrijk geweest voor Gruyaert. “Vroeger wou ik films maken, maar ik heb nooit het budget gevonden om eraan te beginnen. Als de digitale camera’s van nu, toen bestaan zouden hebben, was ik waarschijnlijk cineast geworden”, vertelt hij.

Ik ben liever niet met mezelf bezig

Het liefst van al is Gruyaert zo weinig mogelijk met zichzelf bezig. “Ik hou ervan om dingen mee te maken en dingen te doen, maar ik ben liever niet met mezelf bezig. Ik laat liever dingen zien dan dat ik erover moet praten. Ik vind dat iedereen te veel praat, daar hou ik niet van.”

Familie

Gruyaert groeide op in een katholiek gezin, met zes broers en zussen. Zijn relatie met zijn vader was soms moeilijk. “Ik heb weinig gepraat met mijn vader over godsdienst. Hij was een heel dogmatisch persoon. Dat was soms wel zwaar. In ons gezin stond mijn vader net onder God en de Paus. Mijn moeder zag hem als een God op zich”, vertelt Gruyaert.

“Mijn vader werkte bij Agfa-Gevaert, maar filmde en fotografeerde daarnaast voortdurend. Toch vond mijn vader vroeger niet dat fotograaf een echt beroep was, dus stuurde hij me naar de vakschool. Ik kon totaal niet met mijn handen werken en spijbelde voortdurend, waardoor ik uiteindelijk van school gestuurd werd”, aldus Gruyaert.

Tijdens de plechtigheid ben ik weggelopen

De zus van Gruyaert werkte als kloosterzuster in Congo, toen ze op een dag neergeschoten werd. “Mijn zus is door enkele soldaten, die op zoek waren naar geld, vermoord. Dat was een enorme schok voor mij. Ik kon het maar niet begrijpen. Tijdens haar plechtigheid ben ik weggelopen. Ik kon niet blijven. Dat ging niet. Het was veel te pijnlijk voor mij”, vertelt hij.

“Mijn zus was altijd de verantwoordelijke van het gezin. Na haar dood voelde ik een zware last op mijn schouders vallen, alsof alles plots op mij kwam te liggen. Op het moment van haar dood leefde ik in Parijs en hebben mijn andere broers en zussen zich gelukkig ontfermd over mijn ouders. Ik wist niet hoe ik moest omgaan met die verantwoordelijkheid. Ik wou mijn vrijheid niet opgeven”, vertelt Gruyaert.

Gruyaert is op zijn vijfenveertigste voor het eerst vader geworden. “Het heeft even geduurd alvorens ik de verantwoordelijkheid, die je hebt als vader, wou opnemen. Maar ik ben nu heel blij dat ik het heb meegemaakt. Ik heb mijn dochters Saskia en Marieke van dichtbij met mijn camera gevolgd. Ik heb van beide dochters een zwart-wit reportage gemaakt, van de dag van hun geboorte tot ze vijftien jaar waren. Het was voor mij erg belangrijk dat de reportage niet in kleur was. Het decor en hun kledij zijn niet belangrijk, de focus moest op hen liggen”, vertelt Gruyaert.

Toekomst

Gruyaert is net tachtig jaar geworden. “Verjaardagen zijn voor mij altijd vreemd geweest. Ik was liever vijftig, zestig of zeventig jaar geworden, maar er is geen weg terug natuurlijk. Al vraag ik me soms wel af hoeveel jaren ik nog heb om te doen wat ik wil doen. Ik hoop dat ik nog veel gezonde levensjaren tegemoet mag gaan”, vertelt hij. “Ik beweeg veel, dat moet nu eenmaal als je fotograaf bent. Je moet snel zijn en vaak op pad gaan. Voor de rest doe ik waar ik zin in heb en dat is niet altijd even gezond”, lacht hij. “In plaats van op zondag naar de mis te gaan, ga ik naar een thaise masseuse. Zo kan ik me volledig ontspannen.”

Ondanks zijn leeftijd, denkt Gruyaert nog niet aan stoppen: “Ik wil foto’s blijven maken. Ik voel me niet goed als ik een tijd niet fotografeer. Het is voor mij een manier om van de wereld te houden en dingen beter te begrijpen.”

We zijn zo nietig en klein

Gruyaert gelooft nog steeds in de kracht van het universum en de natuur. “We zijn deel van het universum. We zijn maar heel kleine deeltjes en verschillen niet veel van dieren. De mens heeft zulke grote ideeën over onze cultuur en wie we zijn, maar we zijn zo nietig en klein. Het leven van dieren is even complex als het onze, we zijn hetzelfde”, vertelt hij.

Tenslotte is vrijheid een belangrijk aspect in het leven van Gruyaert en hij hecht heel veel waarde aan zijn eigen vrijheid. Hij vindt het dan ook belangrijk om de jongere generaties te waarschuwen: "Wees niet bang om jezelf te zijn en denk goed na over je vrijheid. Tegenwoordig is iedereen zo gefocust op technologie, dat men soms vergeet om rondom zich heen te kijken. Mensen zijn verslaafd aan hun computers en smartphones, maar vergeten soms om stil te zijn bij de kleine dingen. Ik vond het een afschuwelijk idee om te denken dat ik iets gemist zou hebben in mijn leven. Je hebt tenslotte maar één leven, voor je het weet is het voorbij”, besluit Gruyaert.

Wie graag het werk van Harry Gruyaert live wil zien, kan nog tot 19 september terecht in de Kunsthal van Museum Helmond. In Gallery FIFTY ONE in Antwerpen zijn ook regelmatig tentoonstellingen van Gruyaert te zien.

Touché gemist? Abonneer je hier op de podcast.

Meer Touché: