"Ik vond het prettig een labbekak genoemd te worden"

17 januari 2017
Beste luisteraar,
Vanmorgen heb ik iets gedaan dat ik anders nooit doe: een oud familiealbum openslaan. Voor de jongeren onder u: dat is een boek van papier met daarin foto's, ook van papier, bevestigd met papieren fotohoekjes. Ik zocht een foto van mezelf met een muts op toen ik anderhalf was, omdat ik dacht gezien te hebben dat mijn kleindochter (die van dezelfde leeftijd is) sprekend op die foto lijkt.
En toen ik 'm dan voor me had, moest ik ineens aan meneer De Boer denken! - de Nederlandse werkgéversvoorzitter, die het anderhalf jaar geleden nodig vond werklozen uit te maken voor labbekakken. Zo'n hóge, die in een onbewaakt moment zegt wat hij écht denkt, dat maak je niet elke dág mee. De uitspraak veroorzaakte flink wat rumoer, niet alleen maatschappelijk, maar ook taalkundig. Want labbekak, dat woord hadden we al lang niet meer gehoord!
De Boer gebruikte het kennelijk als synoniem van luiaard, een betekenis die niet in het woordenboek stond. “Blijkbaar heeft het woord de afgelopen jaren een betekenisverandering doorgemaakt”, schreef de Nederlandse hoofdredacteur van de Dikke Van Dale heel gewetensvol. Maar ík denk (net als de taalcolumnist van De Standaard) dat het veel simpeler ligt: meneer De Boer heeft er gewoon iets uitgeflapt dat zo beledigend mogelijk klonk. Een lekker bekkend scheldwoord, meer heeft een entrepreneur niet nodig. De enige passende replíék was dan ook: meneer De Boer, wat u zegt, bent u zelf.
Enfin, zoals de bons van de bazen vuilbekte, dat was niet gewoon meer, en er ging dan ook een schok door Nederland. Maar ík kreeg nog een twééde schok. Want ik kende, uit het Boomse dialect van mijn jeugd, labbekak tot dan toe alleen als een koosnaam. Een labbekak was een aanhankelijk kind, dat graag geknuffeld wordt; het was préttig een labbekak genoemd te worden. En vanmorgen, met dat album op schoot, oog in oog met die foto van toen, wist ik wel zeker dat ík er een was, destijds. Jaaa, oké, misschien was een labbekak ook wel 'n beetje een flauw, verwend moederskindje. Als u per se mensen in een kwaad daglicht wil stellen...
En wat die gelijkenis met mijn kleindochter betreft: zet kinderen een muts op, en ze lijken allemaal op elkaar.

Radio 1 Select