“Ik was 42 en had borstkanker. Ik had het gevoel dat ik uit mijn leven viel”

22 maart 2020
©Het Nieuwsblad
Liesbeth Van Impe, hoofdredacteur van 'Het Nieuwsblad' en politiek analist, verdween negen maanden uit haar eigen krant. Om het gevecht aan te gaan met borstkanker. Al hoort ze dat ‘vechten’ niet graag. “Zwaar ziek zijn, is niet vechten en sterk zijn. Het is een plek in je hoofd vinden waar je het kan ondergaan”, zegt Van Impe.

“Ik maakte me geen zorgen. Maar dan zit je bij de radioloog en zie je hem fronsen. De echo duurt lang, merk je. En je voelt iets kantelen. Je beseft: dit is niet ok.” In juli vorig jaar kreeg Liesbeth Van Impe te horen dat ze ziek was. “Dat blijft een van de gekste dingen aan deze ziekte”, zegt Van Impe. “Iemand moet je dat vertellen, want je voelt je even gezond als voordien. Het is de behandeling waardoor je je ziek gaat voelen.”

“Ik was in een dierentuin aan het wandelen toen ik telefoon kreeg van mijn huisdokter. Ik was 42 en ik had borstkanker. Ik had het gevoel dat ik uit mijn leven aan het vallen was”, vertelt Van Impe.

Ik had het gevoel dat ik uit mijn leven aan het vallen was

Tussen de eerste mammografie - nadat ze iets gevoeld had in haar borst - en de uiteindelijke diagnose zat er één week. “Ik had die week nodig. Ik ben toen beginnen te plannen voor alle mogelijke scenario’s. Ik wist snel dat ik wou blijven werken, zolang het ging. Niet uit plichtsbesef, maar omdat ik me daar het best bij voel. In mijn werk vind ik mijn zingeving.”

Ze wou niet dat de drempel om op de redactie rond te lopen, te groot werd. “En dus heb ik bewust een mail met het nieuws rondgestuurd toen ik op de redactie was.” Daarna wandelde ze de vloer op. “Als je eens 180 man ongemakkelijk op hun stoel wil zien schuiven, dan moet je het zo doen.”

Dat eerste moment bleek heel moeilijk. “Mensen weten niet goed wat gezegd. Maar als je hen daar voorbij helpt, dan help je ook jezelf. Zo kon ik daarna toch op mijn gemak in mijn vertrouwde omgeving rondlopen.”

Toby De Tumor

Gelukkig waren er geen uitzaaiingen. De dokters kozen ervoor om eerst chemo op te starten en pas daarna de tumor te verwijderen. “Ik moest heel erg wennen aan het idee dat die tumor bleef zitten en dat ik die ook voelde. En dus gaf ik hem een naam: Toby De Tumor. Zo maakte hij geen deel uit van mij.”

Mensen weten vaak niet goed wat gezegd tegen een kankerpatiënt

Van Impe vond het opvallend hoe weinig ze wist over borstkanker. “Ik had het nochtans bij vriendinnen van dichtbij meegemaakt. En dan denk je dat je iets weet, maar dat viel toch dik tegen.” Het zorgt ervoor dat mensen vaak niet goed weten wat gezegd tegen een kankerpatiënt. Van Impe wou die muur slopen tussen mensen die gezond zijn en degenen die ziek zijn.

Ze startte een nieuwsbrief voor een honderdtal vrienden en collega’s en koos ervoor om 17 verschillende mensen mee te nemen naar de chemo. “Zo merken ze dat daar niets speciaals gebeurt en dat je er gewoon vier, vijf uur zit te babbelen. Nu hebben die mensen die mee waren voortaan aanknopingspunten als ze opnieuw iemand kennen met kanker.”

Als kankerpatiënt is dit een zeer beangstigende periode

Op vrijdag 13 maart had ze haar laatste bestraling. Dat was ook de dag waarop de eerste, strenge coronamaatregelen ingingen. Het was voor haar de directe aanleiding om vorige zaterdag voor het eerst in lange tijd weer in de krant te verschijnen. Met een oproep aan de lezers om alsjeblieft binnen te blijven.

“Als kankerpatiënt is dit een zeer beangstigende periode. Ik ben vijf keer in het ziekenhuis beland met zeer hoge koorts door de chemo”, vertelt Van Impe. “En ook nu nog is mijn immuniteit aangetast. Ik ben extra vatbaar voor het virus. En met mij nog zoveel anderen. Het zijn dus niet enkel coronapatiënten die vandaag zorg nodig hebben. Ook andere zieken moeten weten dat ze terechtkunnen in het ziekenhuis.”

Lees ook:

Radio 1 Select