“Jonge meisjes moeten beseffen dat ze even slim zijn als jongens"

11 februari 2018
Vandaag is het de internationale dag van de wetenschap voor vrouwen en meisjes. Een mooie gelegenheid dus om een van onze meest beloftevolle jonge wetenschapsters uit te nodigen. Damya Laoui werd door de toonaangevende Amerikaanse Universiteit MIT uitgeroepen tot baanbrekende innovator. “Voor mijn carrière en ons onderzoek is dit heel belangrijk”

VUB-onderzoekster Damya Laoui doet onderzoek naar kankerbestrijding. Uit haar onderzoek blijkt dat kanker ook kan bestreden worden op basis van immuuncellen van de kankertumor zelf. “Elke tumor bevat immuuncellen die we kunnen inzetten”, zegt Laoui. “We hebben ons onderzoek op muizen gedaan, dat is succesvol gebleken. Het doel is om binnen de twee à drie jaar naar klinische studies te gaan."

Laoui is afgestudeerd als bio-ingenieur omdat ze van dieren hield, maar wilde na verloop van tijd eerder iets doen ten voordele van de maatschappij. “Mijn ouders wilden graag dat ik ging studeren, maar van bio-ingenieur hadden ze nog nooit gehoord. Mijn moeder dacht eerder aan leerkracht omdat ik dan nog tijd vrij zou hebben voor de kinderen.”

Geen overbodige luxe

Zo’n speciale dag voor vrouwen in de wetenschap is volgens Laoui geen overbodige luxe. “Er zijn niet genoeg vrouwen in de wetenschap. Jonge meisjes moeten beseffen dat ze even slim zijn en even veel kunnen bereiken.” Laoui heeft ook een migratieachtergrond. “Ook voor die meisjes geldt dat, ik besef wel dat ik een soort van voorbeeldfunctie heb.”

Ook de academische wereld blijkt uiteindelijk toch vooral een mannenbastion te worden. “Tot aan het doctoraatsniveau zijn er ongeveer evenveel vrouwen als mannen, maar vanaf een postdoctoraatsniveau zijn het vooral mannen.” Toch moet er opgepast worden met quota voor vrouwen in de academische wereld. “Ik vind het ergens wel goed dat zo’n quota bestaan, maar men mag natuurlijk geen mindere onderzoekers aannemen puur omdat het vrouwen zijn.”

Laoui werd ook internationaal onderscheiden. “Die erkenning van de MIT is voor mijn carrière belangrijk, maar ook voor ons onderzoek. We krijgen meer visibiliteit waardoor we meer fondsen kunnen aanwerven en ook meer studenten sluiten zich aan. Dat komt het onderzoek uiteraard alleen maar ten goede.”