Kleine mensen, groot verhaal

13 mei 2017
Als mensen van normale grootte een dwerg ontmoeten, blijkt het onmogelijk om naast die handicap te kijken. Een dwerg wijkt af van het normale en dat fascineert. Het is een paradox: je kan de dwerg niet over het hoofd zien, daarvoor is die handicap té opvallend. Dat kan resulteren in starende blikken, dat kan resulteren in gelach. In het geval van Bert Gevaert resulteerde de fascinatie in een boek.

Bert heeft lang geleden al eens aan de Interne Keukentafel gezeten. Hij had toen een boek geschreven over zwaardvechten en middeleeuwse krijgskunst. En toen hij achteraf, terwijl hij zijn dessertje opat, vertelde dat zijn volgende boek over dwergen en hun plaats in de geschiedenis zou gaan, hebben Sven en Koen als uit één mond gezegd: "Echt? Super, kom af als het klaar is".

Het is klaar.

We worstelen nog een beetje met de terminologie. "Dwerg" klinkt wat denigrerend. "Lilliputter" is helemaal fout. "Mensen met achondroplasie" is neutraal, maar om dat woord te begrijpen heb je een medisch diploma nodig. "Kleine mensen" vinden wij te ruim, Ben Crabbé is klein maar geen dwerg. "Heel kleine mensen" dan maar?

We zullen het Bert zaterdag zelf vragen.