'Lobbyist and proud to be one'

29 april 2017
Deze week was er weer veel te doen over chemiereus Monsanto. Die zou wetenschappelijke studies gemanipuleerd hebben om onkruidverdelgers zoals Roundup, die de mogelijk kankerverwekkende stof glyfosaat bevat, veiliger te doen lijken. Bedrog dus. En vaak wordt in een adem de term 'lobbying' gebruikt. Onterecht, maar vanwaar komt dat negatieve imago van lobbyisten? En hoe werkt lobbying?

Paul de Clerck van Friends of The Earth Europe kijkt niet op van dit grote schandaal. "Er zijn al jarenlang verhalen dat het EFSA, het Europese agentschap dat chemicaliën moet beoordelen , dat de chemische industrie zwaar vertegenwoordigd zit in het agentschap zelf. "Ook bij het Volkswagenschandaal zie je dat Europese instellingen en lidstaten heel erg op het bedrijfsleven vertrouwen om naleving van wetten te garanderen en het controleren ervan. En dan zie je dat bedrijven zelf invloed op onderzoeken uitoefenen, en dat moet tegengegaan worden."

De Europese Commissie moet eind dit jaar beslissen over een verlenging van de licentie voor glyfosaat. Tot nu toe werd glyfosaat altijd weer goedgekeurd dankzij zware lobby. "Lobbyisten proberen te zorgen dat het EFSA in haar advies het product goedkeurt" zegt de Clerck nog. "Dat gaat via beïnvloeding van zogenaamd wetenschappelijk onderzoek en indirect door bijvoorbeeld te zorgen dat binnen het agentschap zelf een stevige poot aan de tafel hebt."

 

Gedragscode voor lobbyisten

Tom Antonissen is lobbyist 'and proud to be one', in de transportsector. "In het geval van Monsanto gaat het duidelijk om fraude, en niet om lobbyen zelf" zegt hij. "Lobbying bestaat al heel lang, al zolang als iemand een belang heeft en dat belang wil verdedigen."

"Er bestaat een gedragscode waar je je aan moet houden", gaat Antonissen verder. " Het registreert wie je bent, en wie je vertegenwoordigt. Maar je bent niet verplicht om je te registreren. De Europese Commissie heeft getracht om het systeem strenger te maken, en er voordelen aan te koppelen zoals onder andere toegang tot het Europees Parlement."

Sectoren zoals de tabakindustrie en de farma worden vaak als gewetenloze industrieën neergezet die over lijken gaan, maar klopt dat cliché? Tom Antonissen maakt een onderscheid tussen de farmaindustrie die levens redt en de tabakindustrie. Er zijn een aantal sectoren, zoals de tabaksindustrie, waar hij nooit zou voor lobbyen.

Om het goed te doen als lobbyist, moet je geloven in je verhaal

 

Gele kaart

"Ook ngo's lobbyen, en proberen het beleid te beïnvloeden", zegt de Clerck. "Maar het probleem is dat het lobbylandschap heel ongelijk verdeeld is. Het bedrijfsleven heeft veel meer geld, en kan meer lobbyisten aanstellen. Daar kan je niet veel tegen doen, maar politici en ambtenaren moeten wel zelf zorgen dat de balans goed zit, en dat zit behoorlijk scheef.".

"Met Alter-EU, een netwerk van organisatres die zich richten op meer transparantie, en waar wij lid van zijn, hebben we deze week gele kaarten uitgedeeld aan 8 euro-commissarissen en aan Juncker. In 2015 heeft hij een richtlijn gegeven die bepaalt dat euro-commissarissen ervoor moeten zorgen dat ze in hun externe afspraken met lobbyisten voor een goede balans zorgen.
Marianne Thyssen doet dat goed. Zij heeft uitdrukkelijk ook veel afspraken met het middenveld, terwijl bij vele andere eurocommissarissen 80% tot 90% van hun afspraken met bedrijfslobbyisten is. Na tweeënhalf jaar is er niets gebeurd."

Als je de hele tijd maar éen verhaal hoort, dan ga je denken dat dat de waarheid is


Nog een probleem dat de Clerck aankaart, zijn euro-commissarissen die wanneer ze aftreden, meteen verdwijnen als lobbyist in het bedrijfsleven. " Zij hebben een heel netwerk en ze weten precies aan welke touwtjes ze moeten trekken."