Lucht!

6 januari 2017
Als mijn vader eind jaren ‘30 als kind naar de bioscoop ging en er liep iets mis met de film - toen nog op pellicule, die zat soms vast in de projector of zo - dan riepen de mensen in de zaal na een tijdje “Lucht!” “Lucht!”. Dat was normaal. Mijn papa is van Kortrijk. Als ze daar willen dat de iemand het licht aandoet, dan roepen ze “Lucht!” Dat is West-Vlaams voor ‘licht’.

Dat is ongeveer het enige over licht wat niet in het boek ‘Licht’ staat van Gemma Venhuizen. Noem een invalshoek en hij wordt er in belicht. (Sorry voor de woordspeling) Vooral ook over wat het met ons doet, licht. Te veel of te weinig, lichaam en geest. Vaak herkenbaar, nog vaker verrassend.

Dat de winterdip echt bestaat, dat nachtwerk kankerverwekkend is, dat de hele nacht doorslapen een 19de eeuwse uitvinding is en patiënten met kamers die op het oosten uitkijken sneller het ziekenhuis mogen verlaten. Dat staat er dus allemaal in. En dat er op het schilderij ‘De Aardappeleters’ van Van Gogh uit 1885 al een gloeilamp te zien is. Dat ook.

Maar niet dat West-Vlamingen ‘lucht’ zeggen tegen ‘licht’. Dat is ook niet interessant. Behalve voor mijn papa en mij*. Omdat wij daar aan moeten denken elke keer als iemand het licht aansteekt. “Lucht!” roepen we dan. En dan lachen we. 

 

 

* De papa van Sven. Die van Koen zegt lucht tegen lucht.

 

Radio 1 Select