“Zwanger zijn werd in 2020 vooral iets medisch, met moeder en kind als patiënt, vader als bijkomend bezoek”

28 februari 2021
© Radio 1
In 2020 werd producer en muzikant Merdan Taplak voor de tweede keer vader. En terwijl het bij de geboorte van zijn eerste zoon nog zo vanzelfsprekend was dat hij bij de controle-echo’s aanwezig was, moest hij deze keer telkens thuis blijven. “Zwanger zijn werd in 2020 vooral iets medisch” kaart hij aan in zijn column voor ‘De toestand is hopeloos maar niet ernstig’.

Liefste Enes, liefste Emin, mijn twee lieve zonen

Volgens mij is dit mijn allereerste brief aan jullie. Logisch, want anno 2021 schrijft de meerderheid geen brieven meer en jullie kunnen eigenlijk ook nog niet lezen. Maar vroeger, toen ik zelf nog een kleine jongen was, verstuurde ik nog regelmatig brieven. Vanop bivak naar huis of naar mijn klasgenootjes. Ik was zelfs de trotse bezitter van een dikke lederen kaften waarin ik alle uitzonderlijke postzegels per land rangschikte. Misschien dat we op een dag terug de tijd vinden om geduldig inkt en papier te herenigen, maar in de tijdsperiode dat ik deze brief schrijf gaat alles online. Of zelfs via de radio.

Laat ik van deze gelegenheid gebruik maken om voor jullie een tijdsdocument te maken, iets wat de Fransen “esprit de temps” noemen of de Duitsers “Zeitgeist”. Maar laten wij het maar gewoon een getuigenis noemen, een pleidooi van een toegewijde vader.

Op moment van schrijven leven mama en papa in een tijd van illegale kapbeurten of verboden huwelijksfeesten.

Voorbije jaar, 2020, was voor velen het jaar van de coronacrisis, maar voor ons gezin was het vooral het jaar waarin jij, Emin, onze jongste zoon, geboren werd en het jaar waarin jij, Enes tot “abi” of “grote broer” uitgroeide. Knuffelcontact, mondmaskers, handgel, anderhalvemeter, jullie zegt het niks meer maar voor ons zullen die begrippen onlosmakelijk verbonden blijven met deze intense periode uit ons leven.

Plots werden er aan die vreugdevolle verwachting een heleboel zorgen gekoppeld.

Op moment van schrijven leven mama en papa in een tijd van illegale kapbeurten of verboden huwelijksfeesten. Ik kan me niet inbeelden hoe absurd dit voor jullie moet klinken als jullie dit over - zeg maar - twintig jaar zouden lezen. Maar wat voor mij vooral zo beangstigend absurd was, was dat 2020 ook het jaar was waarin ik als vader geen zekerheid had om de geboorte van mijn eigen zoon mee te maken. Dat zat namelijk zo. De coronacrisis brak in België uit rond maart 2020, en op dat moment moest jij, Emin, nog zo’n drie maanden in mama’s buik zitten. Er werden toen plots allerlei regels en maatregelen opgesteld en die hadden natuurlijk een grote impact op jouw komende geboorte. Plots werden er aan die vreugdevolle verwachting een heleboel zorgen gekoppeld.

Langs alle kanalen werd ik bestookt met informatie over mogelijke symptomen en de nieuwe steeds wisselende maatregelen, waardoor allerlei donkere hypotheses zich in mijn hoofd ontsponnen. Naar aanloop van de bevalling werd het dus steeds belangrijker voor mama en papa om gezond te blijven, en absolute waakzaamheid was geboden. Bij binnenkomst in het ziekenhuis zou de verpleegster met een laser op mijn voorhoofd mijn lichaamstemperatuur meten. Ik kon me niet inbeelden hoe het zou voelen om op dat moment als vader weggestuurd te worden.

Zo’n ontmoeting met de baby in de buik was telkens een magisch moment.

De geboorte van je kind meemaken, is essentieel. Bij jullie geboorte werd ook de vader in mij geboren. Tijdens de coronacrisis was het niet toegestaan dat ik als partner meeging met mama naar de gynaecoloog voor een controle-echo, iets dat bij de geboorte van Enes twee jaar voordien nog zo vanzelfsprekend was. Zo’n ontmoeting met de baby in de buik was telkens een magisch moment. Het hartje horen kloppen, de kleine bewegingen, het was elke maand iets om naar uit te kijken. Maar zwanger zijn werd in 2020 vooral iets medisch, met moeder en kind als patiënt, vader als bijkomend bezoek. En hoewel al het zware werk natuurlijk op mama’s schouders viel, durf ik toch ook te stellen dat ik als papa meer was dan een randfiguur.

Ik koester de voortdurende herhalingen.

2020 is dus vooral het jaar waarin ik méér vader werd. Wat een geluk heb ik om te leven in onze comfortabele bubbel, volledig op jullie ritme. Ik koester de voortdurende herhalingen. Een fietstocht naar nergens. Koetjes kijken in de wei. Halt houden bij krioelende miertjes in het gras. Onvoorstelbaar eigenlijk hoe snel een maatschappij op z’n kop komt te staan en hoe fragiel alle vanzelfsprekendheden zijn. Als papa houd ik mijn uitgespreide armen als een beschermingsmuur rond jullie. Als een soort van kasteelheer die waakt over zijn twee prinsen. Mijn sultans, mijn pasja's.

Maar stilaan zullen jullie zelfstandiger worden, ik hoop dat jullie op een rustig tempo de vleugels uitslaan en vooral onbevangen blijven, vol vertrouwen. Jij Emin, begint op dit moment te kruipen, en jij, Enes, ging deze week voor het eerst naar school. Intussen wil je al zelf je boekentas aandoen en mijn hand vasthouden hoeft ook al niet meer. "Je moederhart zal wel breken." zei onlangs iemand daarover tegen mama. Ik kwam protesterend tussenbeide: "Ik heb ook een moederhart hoor." En het is tijdens deze crisis misschien nog harder beginnen slaan.

Vele knuffels,

jullie liefhebbende vader.

Beluister de column van Merdan Taplak voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig' via Radio 1 Select.

Ontdek ook de andere columns uit de uitzending: