Minister Somers wil dat burgemeester Aalst carnavalisten overtuigt om geen joodse karikaturen te gebruiken

21 februari 2020
Minister van Samenleven Bart Somers (Open VLD) vraagt dat de burgemeester van Aalst Christoph D'Haese (N-VA) de carnavalisten overtuigt om geen joodse karikaturen meer te gebruiken. Zijn oproep komt er nadat de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken had gevraagd om Aalst carnaval te verbieden.

Vorig jaar was er een praalwagen met joodse karikaturen, en die vindt Israël "antisemitisch". Burgemeester D'Haese vraagt van de carnavalisten dat ze respect hebben voor gevoeligheden, maar wil geen "censuurburgemeester" zijn.

Minister Somers wil geen verbod op de karikaturen, omdat "we leven in een samenleving die het recht op vrije meningsuiting erg belangrijk vindt". "Maar het is niet omdat er iets mag, dat je het moét doen", zegt hij.

Hij doelt daarmee op de praalwagen in de carnavalsstoet vorig jaar van de carnavalsgroep Vismooijlen, waarop joodse poppen met haakneuzen, pijpenkrullen en een geldkist stonden. Vandaag riep de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Israel Katz op om daarom Aalst carnaval te verbieden.

Een verbod in welke zin dan ook wil Somers niet. "Ik vind wel dat het lokale bestuur - en in het bijzonder de burgemeester - meer inspanningen moet doen om in dialoog te gaan met de carnavalisten en hen trachten te overtuigen dat je dit moreel, ethisch en menselijk niet doet", zegt Somers. Van D'Haese vraagt hij "een grotere gevoeligheid."

D'Haese vraagt dat carnavalisten respect hebben voor gevoeligheden

"Ik heb alle begrip voor die vraag", reageert D'Haese. Hij roept de carnavalisten op om "respect te hebben voor de gevoeligheden" en "gevoelige onderwerpen uit de weg te gaan".

"Ik heb begrip voor historische gevoeligheden", zegt D'Haese, waarbij hij verwijst naar de herdenking van Auschwitz met een minuut stilte in de gemeenteraad. "Maar er zijn ook 150 andere onderwerpen. Laten we daar eens naar kijken."

"Geen censuurburgemeester"

De burgemeester vindt dat inwoners van Aalst het recht hebben om Joodse karikaturen te gebruiken tijdens de optocht. "Een beetje censuur bestaat niet", zegt D'Haese, die waarschuwt voor een hellend vlak. "En ik ben geen censuurmeester of censuur-burgemeester. En ik zal dat nooit worden."

"Disproportioneel"

Volgens D'Haese (N-VA) lijkt de Israëlisch minister van Buitenlandse Zaken Israel Katz "de essentie van een vrije samenleving niet te begrijpen". "Het komt geen buitenlandse minister toe om te bepalen wat in Aalst wel en niet mag", zegt D'Haese. "Dat zal ik zelf wel bepalen." D'Haese vindt de oproep om carnaval te verbieden dan ook "te gek voor woorden" en "disproportioneel".

Minister van Buitenlandse Zaken Philippe Goffin (MR) en Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) willen niet reageren op de oproep van de Israëlische minister. Vorige maand zei Jambon tijdens een bezoek aan het voormalige vernietigingskamp in Auschwitz wel dat de carnavalisten in Aalst beter geen joodse karikaturen hadden gebruikt, gelet op wat de joodse bevolking heeft meegemaakt. De minister-president blijft achter die uitspraken staan, zegt zijn woordvoerder donderdag.

Ook voorzitter van Vlaams Belang Tom Van Grieken reageert. "Wij verdedigen carnaval en onze tradities", zegt hij. "Er moet echt met alles gelachen kunnen worden. Humor is niet mogelijk als je nooit iemand mag beledigen."

Luister naar Minister van Samenleven Bart Somers in De ochtend:

Professor agogiek Willem Elias (VUB), die zelf in Aalst woont, raadt de Aalstenaars aan om dit weekend met carnaval geen karikaturen te gebruiken van Joden. Hij vergelijkt het met een aangebrande of gevoelige mop: "Als je gezelschap niet lacht met een aangebrande mop, vertel je geen tweede aangebrande mop."

Professor en inwoner van Aalst Willem Elias vindt het ook geen goed idee om opnieuw Joden voor te stellen als karikaturen, met bijvoorbeeld grote haakneuzen, pijpenkrullen en een geldkist zoals vorig jaar. "Het is een basisprincipe dat je met alles en iedereen mag lachen. Als je dat doet, is het op eigen verantwoordelijkheid. Dan kun je de "weerbots" krijgen", zegt Elias.

Hij benadurkt dat de berichtgeving over een haatdragend Aalst niet klopt. "Carnaval is een positieve lach, een lach van de samenhorigheid waar er al eens gelachen wordt met de kleine beperkingen van de mens of van de machtigen. De rollen worden omgekeerd: de meester wordt slaaf. De lach is de schaduwzijde van de waarheid. Het basisprincipe van de carnavalist is dat er niét met miserie of leed gelachen wordt, men zou zelfs niet lachen met de Holocaust of de Bende van Nijvel (die een overval pleegde in de Delhaize van Aalst en slachtoffers maakte, red.)."

Elias waarschuwt voor herhaling op carnaval Aalst. "Een ander basisprincipe van carnaval is dat diegene die voorwerp is van spot hoort mee te lachen. Men heeft nu van de Joodse gemeenschap uit duidelijk gemaakt dat ze niet kunnen meelachen. Dan kun je er beter mee stoppen. Iemand die een aangebrande mop vertelt en ziet dat de mensen niet lachen, dan moet je geen tweede of derde aangebrande mop vertellen."

Elias vindt dat carnaval Aalst nooit op de Unescolijst van erfgoed had mogen staan. "Erfgoed is iets over doden, wat niet meer bestaat. Carnaval is een levende gebeurtenis waarbij men de actualiteit van het voorbije jaar vertolkt." De professor op rust ziet carnaval eerder als kunstvorm. "Je kan het bekijken als kunst, amateurkunst weliswaar. Het volgt de regels van de kunst waarin veel toegelaten is. Carnavalisten geven vorm, werken met clichés."

Luister naar Willem Elias in De ochtend:

Luister naar de burgemeester van Aalst Christoph D'Haese (N-VA) in De ochtend:

Bron: vrtnws.be en De ochtend

Radio 1 Select