Moeder, waarom frauderen wij?

17 januari 2019
Volgens hoogleraar ethiek Freddy Mortier zit er een foefelaar in elk van ons.

We foefelen zo graag. Je kan de krant niet openslaan of er staat een groot of klein verhaal in van iemand (of enkelen) die de boel belazerd hebben. Op grote en kleine schaal. Nochtans leren we toch allemaal dat het niet mag. Dat het niet oké is om iemand anders te bedriegen. Waar komt die verleiding toch vandaan?

Volgens hoogleraar ethiek Eddy Mortier van de UGent heeft het voornamelijk te maken met de situatie. Omstandigheden gebaseerd op vertrouwen, maken de verleiding om te frauderen groter. Denk maar aan mensen die het zakje met fruit of groenten in de supermarkt nog bijvullen nadat ze het al gewogen hebben. Ook de pakkans speelt een rol: hoe kleiner het risico om betrapt te worden, hoe groter de verleiding.

De foefelaar in elk van ons

Volgens Mortier zit er een foefelaar in elk van ons. “Wat je vaak ziet, is dat mensen het gaan rationaliseren: stelen van een bedelaar of vriend is not done, maar een grootwarenhuis is een anoniem systeem en dat vinden we voor onszelf dan wel goed te praten.” Vaak ook omdat we vinden dat we zelf te weinig verdienen.

Er bestaat niet zoiets als het profiel van dé fraudeur. Eerder dan je persoonlijkheid, speelt je positie een grote rol. “Mannen hoog in de hiërarchie, worden vaker betrapt op verduistering. Bij vrouwen zijn het eerder zij die hiërarchisch lager staan, én ook de omvang van hun diefstal is vaak kleiner.”

Vanaf wanneer word je echt een slecht mens? Wanneer wordt ‘onschuldig gesjoemel’ echt fraude? “Als de impact groot wordt”, zegt Mortier. “Een beetje teveel fruit meenemen, maakt weinig verschil. Maar als iedereen wat meer meeneemt, heeft het wél een impact op de omzetcijfers van de supermarkt.”

Frauderen kun je leren

Frauderen leer je ook door het vaak te doen. “Er is iets als een verglijding: mensen beginnen met kleine dingen, maar als dat lukt gaan ze telkens een stapje verder. Je wordt er almaar beter in, en zult er gaandeweg ethisch ook minder moeite mee hebben.

Hoe je fraude dan kunt vermijden? “Vooral de gelegenheid inperken”, zegt Mortier. “Een structuur moet zo in elkaar zitten dat het vertrouwen gecontroleerd wordt.” Van verduisteraars is immers geweten dat het vaak modelwerknemers zijn, zij waarvan je het minst verwacht. Zij maken misbruik van het vertrouwen en de ruimte die ze krijgen."

Frauderen voor de ‘kick’

Mortier zelf stal ooit een snoepje toen hij kind was. “Dat was voor de opwinding, de ‘rush’. Dat gevoel is ook iets waar mensen aan verslaafd kunnen geraken.”

Denk maar aan Diederik Stapel, de professor die gepakt werd op massale wetenschappelijke fraude. Hij schreef een boek over de psychologie van de fraudeur. Na verloop van tijd deed hij het gewoon voor de kick. Voor het genot en de bevrediging om andere mensen te kunnen beetnemen.

Lees ook:

Radio 1 Select