"Neen, wij zijn niet besmettelijk"

12 mei 2017
Er is nog altijd een taboe
Ongeveer 1 op 20 homo’s is seropositief. Maar haast niemand durft er openlijk over spreken. Voormalig Mister Gay Tim Van De Putte doet het nu wel. Op de komende Gay Pride wil hij als HIV-gezicht het taboe doorbreken.

Zelf kreeg Tim Van De Putte zijn HIV-diagnose in 2011. Gelukkig kon hij het onmiddellijk kwijt aan zijn vrienden en werd hij goed opgevangen. Ook zijn familie wist het vrij snel. Maar dat is niet voor iedereen het geval. Het taboe is er nog altijd. Daarom wordt er vaak gezwegen uit schrik om afgewezen te worden door familie, vrienden of op het werk.

“Je zou natuurlijk kunnen zeggen dat het een privézaak is. Over je andere persoonlijke medische problemen spreek je toch ook niet.” Maar Van De Putte vindt dit toch nog van een andere orde. Het is heel ingrijpend en je draagt het met je mee. Als je het dan tegen niemand kwijt kan of durft, moet je je last alleen dragen. Bij heel wat seropositieven is helaas alleen de behandelende arts op de hoogte.

Uitkomen voor je seropositiviteit is nog altijd niet evident. Soms vragen onbekende mensen onbeschroomd hoe je het op gelopen hebt. “Ikzelf ben daar vrij open over’, zegt Vandeputte. “Maar vergeet niet dat dit toch ook wel erg intiem en privé is”. Het aantal mensen dat nog denkt dat het gevaarlijk is om een seropositieve te kussen of de hand te schudden is gelukkig sterk verminderd.

De medische behandeling staat intussen zo ver dat iemand die met HIV besmet is, daar meestal perfect kan mee verderleven. Van De Putte heeft zelf fysiek geen last meer. Door medicijnen blijft alles onder controle, het virus is onderdrukt en hij kan in principe ook niemand meer besmetten.