“Nog nooit heeft een muur mensen tegengehouden”

3 september 2017
De vluchtelingenproblematiek ligt artistiek leider van het Toneelhuis Guy Cassiers na aan het hart. "We zijn niet meer bezig met grenzen te verdedigen maar ze te construeren. En nog nooit in mensenheugenis heeft een muur mensen tegengehouden.”

In voorstellingen ‘Grensgeval’ en het nieuwe ‘Het kleine meisje en van meneer Linh’, dat eind deze maand in première gaat, focust het Toneelhuis zich op de vluchtelingenproblematiek.

Op ‘Grensgeval’ is veel kritiek gekomen. Een journalist van Knack verweet Guy Cassiers dat die zich “verplicht voelde om dit seizoen iets te doen rond vluchtelingen” en dat “hij beter zou opstappen als artistiek directeur”.

“Dat krijg je soms", zegt Cassiers in Touché. "Het was een opiniestuk. En dan vraag ik, kunnen we daarover praten, woord tegen woord? 'Ah nee', hoor ik dan, 'een opiniestuk is een opiniestuk.' De dialoog vindt dan niet plaats.”

“Maar ik ben heel blij dat net over die voorstelling in Le Monde en La Libération met superlatieven geschreven werd. Dat daarin staat dat Toneelhuis het prototype is van hoe een stadsgezelschap hoort te zijn.”

Parabel

Ook het volgende stuk van Cassiers gaat het vluchtelingendebat aan. “In ‘Het kleine meisje van meneer Linh’ wordt op een heel andere manier, een heel sensitieve manier gekeken uit de ogen van iemand die hier pas aankomt.”

Het ene personage brengt een trauma met zich mee, het andere voelt zich verantwoordelijk voor dat trauma

“Je identificeert je met de leefwereld van die persoon, die niet begrijpt wat hij ziet. Hij komt maar één persoon tegen waar hij een band mee heeft, maar de taal ontbreekt hem om een reële dialoog te kunnen voeren. Enkel met het woordje ‘goeiedag’ ontstaat daar een fantastische relatie tussen twee mensen – de ene die een trauma meebrengt, de andere die zich verantwoordelijk voelt voor dat trauma, dat uit het verleden van die persoon mee binnenkomt in Europa.”

“Het is een zeer gevoelige, intieme relatie. Een kleine poëtische parabel hoop ik dat het wordt.”

Grenzen

Een parabel die volgens Cassiers in schril contrast staat met hoe er in ons land gesproken wordt over vluchtelingen. “In het vluchtelingendebat stoor ik mij enorm aan de media en de politiek. We hebben het over onze verantwoordelijkheid binnen deze situatie. We zijn niet meer bezig met grenzen te verdedigen, maar ze te construeren, ons te verschansen. Ik denk dat nog nooit in de mensenheugenis een muur de mensen heeft tegengehouden. Noch de Chinese muur, noch de forten rond Antwerpen.”

“Ik denk dat je meer naar de bron moet kijken van waar het probleem ontstaat. Nu stel ik het misschien iets te simplistisch voor, maar toch denk ik dat we op heel andere manier moeten luisteren naar wat er mis is in die landen. Landen waarvan we niet direct een verantwoordelijkheid hebben, maar waar ik van denk, binnen de ethiek en de politieke verantwoordelijk die we binnen Europa dragen, moeten we er sociaal betrokken stil bij blijven staan.”

Vluchtelingen zijn al illegaal nog voor ze binnenkomen

“De manier waarop er inhoudelijk gesproken wordt over die zaken, maakt dat er een soort angstsyndroom gegenereerd wordt. Een syndroom waar ik van denk, staat die in balans met de reële situatie zoals ze is? Er wordt gesproken over tsunami’s die onze wereld gaan overnemen. Vluchtelingen zijn nog voor ze binnenkomen al illegaal. Nog voor ze een aanvraag kùnnen indienen.”

Welke crisis?

“Als je kijkt naar de allereerste geschriften die voor theater zijn geschreven, dan gaan die over mensen in Europa die moesten vluchten van hun oorspronkelijke plek. Het is een thema dat al jaar en dag oud is, zo oud als de mensheid, en waar we moeten mee leren omspringen.”

“Nu zijn wij de bevoorrechten. Laat ons eerlijk zijn: we spreken over een crisis, maar alsnog is België een van de rijkste landen van de wereld. Niemand verliest graag die kwaliteit van levensstandaard.”

We worden barbaars in onze communicatie, kwaliteit in inhoud lijkt er niet meer toe te doen

“Ik zie wel – en dat beangstigt mij evenzeer – dat in de mentaliteit van hoe wij met die positie omgaan, hoe wij communiceren met elkaar, een soort barbarisme ontstaat. Niet vanuit een persoon die ons al dan niet lijkt aan te vallen, maar vooral binnen onze eigen cultuur. Daar ontstaat een vorm van nonchalance, van protectionisme, waar vooral de kwaliteit van de inhoud er dreigt niet meer toe te doen.”

Homo universalis

“Wij leggen tegenwoordig zoveel de nadruk op hoe we tot informatie kunnen komen, maar doen niet meer de moeite om ons die informatie toe te eigenen. Dat is een groot gevaar, denk ik, een soort malfunctioneren van onze hersenen. We gebruiken de kwaliteiten niet meer die in onze hersenen kunnen plaatsvinden. De homo universalis van vroeger, wanneer gaan we nog zo’n mensen tegenkomen?”

“De Grieken hadden nog geen boekdrukkunst. Zij moesten alle belangrijke verhalen instuderen, al die info opnemen met hun hersenen. Dat was misschien problematisch voor de hoeveelheid informatie, maar het zorgde er wel voor dat het artistieke, het politieke, het medische - en noem maar op - in één hoofd aanwezig probeerde te zijn. En daardoor konden fantastische combinaties gemaakt worden.”

“Nu zit iedereen verschanst in zijn eigen klein domeintje. Met als resultaat dat die hersenen niet meer functioneren in het opnemen van die informatie. Daardoor kan je er natuurlijk niet meer creatief mee omspringen. Dat loskoppelen van elkaar, is een pijnlijk verschijnsel.”