"Omdat mijn vader zijn vier zonen altijd uit de media hield, voelt het onwennig om me als zoon van te outen"

3 januari 2021
Pim Raes, de zoon van. Die omschrijving vindt de televisiemaker maar niets, maar voor 'De toestand is hopeloos maar niet ernstig' ging hij toch overstag om te schrijven en te babbelen over zijn vader, Frank Raes. "Die antieke sportjournalist", aldus Pim.

Goeiemorgen en gelukkig nieuwjaar,

Ik groet u vanuit Brooklyn, New York. Daar woon ik nu al vier maanden met mijn bevallige eega en onze twee kleuterdochters. Naar ik verneem bent u al depressief genoeg, dus zal ik u niet ook nog jaloers maken met een relaas over mijn Amerikaanse avonturen. Daarom laat ik onvermeld dat het dragen van beha’s hier zo te zien afgeschaft is, en dat hoewel concerten ook hier verboden zijn, je maar de metro moet nemen om je hunkering naar livemuziek te vervullen.

Maar goed, net nu ik aan het zoon-van-zijn ontsnapt leek, en driekwart van mijn tijd niet langer verloren gaat aan de vraag ‘Oewist nog met uwe pa?’, vroeg Annemie me om het van hieruit eens over mijn vader te hebben. Geheel buiten mijn wil om werd ik namelijk in het leven geroepen door Frank Raes. U weet wel, die antieke sportjournalist.

Omdat mijn vader zijn vier zonen altijd uit de media hield, voelt het onwennig om me als zoon van te outen. Misschien neemt hij me dit niet eens in dank af, maar ik zie hem toch niet meer in staat tot een trans-Atlantische tackle tegen mijn knoesels. Daarnaast plooi ik als halve huisman al zo vaak voor een ontzagwekkende vrouw. Hierbij ga ik dan ook gedwee in op de vraag van Annemie.

Laat me beginnen met de melding dat ik trots ben op mijn vader. Zijn carrière overspant mijn volledige, bijna veertigjarige bestaan. Als ik het goed heb, is hij intussen de oudste presentator die nog op het Vlaamse scherm getolereerd wordt. Net voor ik geboren werd, ging hij aan de slag bij de BRT. Zoals de legende het wil, werd hij aangenomen na een telefoontje met Jan Wauters zaliger. ‘Jij brouwt je ‘R’ nogal’, zo zou Jan hem gezegd hebben, waarna hij mijn vader meteen op pad stuurde. Ik vermoed om verslag uit te brengen van RWDM tegen de Racing.

Volgens een andere legende uit diezelfde tijd zette mijn moeder onze wiegjes naast de radio en werden we rustig van mijn vaders stem. Veertig jaar later - nu de bal zwieriger door het zwerk zeilt en de gescheenlapte luxepaardjes met fluo laarsjes over half synthetische velden draven, houdt mijn vader zich nog altijd zinledig langs de zijlijn, en dat zonder te roepen. De tijd waaruit hij stamt, die waarin voetbalcommentaar geven nog geen hyperspecialisme was, en het pinanti was als het pinanti was, lijkt lang vervlogen… maar mijn favoriete commentator is nog steeds dezelfde.

In zijn eeuwige strijd om mee te zijn, blijft hij zich zo goed en zo kwaad mogelijk aanpassen. Als ze hem ooit de bal afnemen, zal hij zich toch met zijn leeftijd moeten verzoenen. Hopelijk lukt dat, want in het rusthuis dat we voor hem in gedachte hebben, zijn sloefen verplicht en mag je geen hippe sneakers dragen.

Tot het zover is, zet ik me in Brooklyn elke maandag in de zetel voor Extra Time. At four p.m. zit ik met zijn twee kleindochters klaar en kijken we naar den bompa. In de eerste oogopslag en doorheen de make up zie ik dan hoe het met hem gaat. Zo te zien gaat het tegenwoordig goed, beter dan het de laatste jaren door hartproblemen en een woelig privéleven weleens was.

Ach… de zoon van Frank Raes zijn valt best mee. Zolang ik in één of andere Whatsappgroep geen selfies uit zijn privésfeer moet ontvangen, is het niet eens traumatisch en een voorrecht hem met u te delen.

Ik word er nog altijd rustig van als ik zijn stem hoor.

Beluister de column van Pim Raes:

Ontdek ook de andere columns uit de uitzending: