Ongeduld, de ziekte van deze tijd?

9 november 2018
“Everything Now!”, zo bezingt Arcade Fire in z’n nieuwste single de instant-maatschappij waarin we vandaag leven. We willen alles, en we willen het liefst nù. Zijn we het wachten dan helemaal verleerd? Volgens Ariane Bazan, doctor in de neuro-psychoanalyse (ULB), is er meer aan de hand.

Het is de globale wereldcontext die maakt dat we onrustiger worden, zegt Bazan. ‘De wereld is instabieler geworden, en het angstiger klimaat zorgt ervoor dat iedereen meer geagiteerd is.”

Ze gelooft niet dat je mensen kan indelen in ‘geduldigen’ versus ‘ongeduldigen’. “Geduld is geen vaste karaktertrek, maar een dynamisch gegeven dat kan variëren afhankelijk van de omstandigheden.”

Mentaal zijn er 2 soorten processen: primaire (automatische) en secundaire (gecontroleerde). “Ongeduld valt onder de primaire processen”, zegt Bazan. “Het bevindt zich in de prefrontale cortex: het deel van de hersenen dat zich evolutionair het laatst heeft ontwikkeld, en ook bij het opgroeien als laatste komt.”

Dat kinderen vaak ongeduldig zijn, is dan ook heel normaal. Hun hersenen zijn nog onvoldoende ontwikkeld. “Pas rond 5 à 6 jaar nemen de secundaire processen de overhand en krijgen kinderen verschillende opties om te reageren op een bepaalde stimulus.”

Iemand geduld aanleren, is zeer moeilijk. Wat wél helpt voor ongeduldige, emotionelere of angstigere mensen is om hen vertrouwen te geven. Als iemand zich veilig voelt, dan zal hij rustiger zijn. 

Geduld hebben is een belangrijke troef in het leven, zegt ze. Maar té geduldig zijn kan ook nefaste gevolgen hebben. “Zo zijn er mensen die bijvoorbeeld hun leven lang wachten om hun liefde te verklaren, waardoor ze zichzelf helemaal ruïneren.”