Ontsnapt aan de guillotine

20 juni 2019
14 juli 1789, bestorming van de Bastille, scharniermoment in de geschiedenis van Frankrijk, van Europa en de wereld. De revolutionairen stellen de Verklaring van de rechten van de mens en de Burger op, ze schaffen het ancien regime af en schrijven een grondwet. Maar de strijd radicaliseert, de koning en de koningin worden geëxecuteerd en de Terreur breekt los. Terreur, met een hoofdletter.

De Terreur begint met de onthoofding van Lodewijk XVI in januari 1793 en eindigt in juli 1794 als Robespierre zelf, en met hem een honderdtal geradicaliseerde medestanders, onder de guillotine sterft. In die kleine twee jaar rollen 16.594 koppen*. 

Weldra zal ik onder de guillotine liggen is het getuigeverslag van Grace Elliott. Ze is een echtgescheiden Schotse advocatendochter die ondermeer de minnares van de latere King George IV was. Ze beweerde dat hij de vader van haar kind was. Kort voor de revolutie komt Grace Elliott in Frankrijk terecht. Ze wordt een van de officiële minnaressen van Louis Philippe, hertog van Orléans, en staat dus wijd en zijd bekend als royaliste. Dat brengt haar na 1789 in ernstige moeilijkheden.

Ze verbergt Franse edellieden, ze spioneert voor de Britten, ze probeert mensen met valse documenten het land uit te smokkelen, en wordt zelf gearresteerd in 1793. Grace Elliott ontsnapt ternauwernood aan de guillotine. Als bij wonder geraakt ze levend en wel terug in Engeland. De Britse koning verzoekt haar om haar herinneringen aan de Franse Revolutie op te schrijven. Dat boek, During the reign of terror, is nu door Joris Verbeurgt in het Nederlands vertaald.

 

(*) Hier stond in een eerdere versie het aantal 40.000. Dat is het getal dat op veel sites wordt herhaald, maar Jelle Dehaen wees me erop dat de eerste bron ervan onduidelijk is. Gedetailleerde cijfers staan op de Franse Wikipedia