"Ook herinneringen aan beklijvende beelden zijn vaak minder betrouwbaar dan we zelf denken”

11 september 2020
11 september vandaag, nine eleven. Zelfs nu, 19 jaar later,hebben we allemaal nog zeer levendige beelden van de aanslagen in New York. En zo heeft iedereen nog wel andere van die beelden op het netvlies gebrand staan. Persoonlijke beelden (een bevalling, een verkeersongeval, één bepaalde blik in de ogen van een ander) of beelden van historische gebeurtenissen (Dutroux, de ontploffing van de Challenger, de crash van Ayrton Senna,...) Waarom blijven die beelden ons zo hard bij?

Arnaud Szmalec, cognitief psycholoog aan de UCL in Louvain La Neuve en de Universiteit Gent:

“Bij dergelijke herinneringen moeten we kijken naar het autobiografische langetermijngeheugen, dat bedoeld is voor het opslaan van wat we dagelijks meemaken. Dat geheugen slaat constant informatie op en sommige informatie is zo geladen dat die een beklijvende herinnering wordt. Zulke herinneringen noemt men flash bulb memories of flitsherinneringen (te vergelijken met de flits van een fototoestel: die doet details plots bijzonder goed zichtbaar worden).
Hierbij gaat het vaak om beelden. Herinneringen komen tot stand door het encoderen van iets wat via zintuigen opgeslagen wordt. En de belangrijkste zintuigen zijn daarbij het gehoor en dus zeker ook het zicht.”

Wanneer komen flitsherinneringen tot stand?

1.als er een persoonlijk belang mee gemoeid is, bijvoorbeeld een brandweerman die extra aangegrepen wordt door de beelden van de brandende WTC-torens omdat hij weet wat brandweerlui doormaken.
2.als er grote gevolgen aan verbonden zijn, bijvoorbeeld je krijgt een ernstige medische diagnose, dan is de kans groot dat je nog sterk weet hoe het dokterskabinet er toen uitzag.
3.als het een verrassing is, bijvoorbeeld: als student haal je totaal onverwacht een grote onderscheiding, dan zal je een haarscherpe herinnering aan de proclamatie hebben.
Deze drie elementen hebben te maken met emotie. Het zijn dan ook de hersenstructuren die met emoties te maken hebben (de amygdala) die op zo’n flitsmoment gaan interageren met de structuren in de hersenen die verantwoordelijk zijn voor het geheugen (de hippocampus). Die interactie zal ervoor zorgen dat deze informatie zeer sterk ingeprent wordt.

Wat zijn de typische kenmerken van flitsherinneringen en waarin verschillen ze van de normale autobiografische herinneringen?

1. ze zijn zeer levendig
2. ze zijn zeer gedetailleerd
3. de accuraatheid is vaak hoger MAAR ze zijn zeker niet vrij van fouten
4. ze vervagen minder snel (in het geval van de beelden zoals die van 9/11 komt dat natuurlijk ook omdat ze vaak herhaald worden).

Een belangrijke nuance. Het is vooral het vertrouwen dat we in de kwaliteit van die herinnering hebben dat veel groter is dan bij andere autobiografische herinneringen. Maar dat vertrouwen is dus vaak niet helemaal terecht.

Valse herinneringen

“Als er een belangrijk gebeurtenissen zijn die ons collectief treffen, rampen bijvoorbeeld, gaan psychologen op verschillende momenten naar de herinneringen peilen, en dan ziet men telkens dat er veel valse herinneringen opduiken.

Crashing memories noemt men dat. Bijvoorbeeld bij de Bijlmerramp van 1992. Toen er zich een Boeing in een flat boorde in de Bijlmermeer in Amsterdam vroeg een psycholoog aan een aantal personen of zij de beelden van de inslag hadden gezien en wat zij zich daarvan konden herinneren. Maar liefst 55 procent van de ondervraagden wist zich nog allerlei details te herinneren, zoals de hoek waaronder de Boeing was neergestort etc. Toen de psycholoog vertelde dat er helemaal geen beelden bestonden van het neerstortende vliegtuig, wilden verschillende proefpersonen dat eerst niet geloven. Dat geldt ook voor het auto-ongeluk van Prinses Diana of het vliegtuig dat op 11 september 2001 in Pennsylvania neerstortte. Daar bestaan ook geen beelden van het moment zelf, maar velen beweren ze wel degelijk gezien te hebben. “

“Ons geheugen is een reconstructie die gemaakt worden door hersenen , het is slechts een benadering van de werkelijkheid.  Dat maakt getuigenverslagen vaak onbetrouwbaar. Dat heeft te maken met fouten die gemaakt worden op het niveau van de source monitoring. Het is soms heel moeilijk om de bron van een herinnering te lokaliseren. Het kan zijn dat je in een bioscoopfilm fictieve beelden ziet van dat vliegtuig dat in Pennsylvania neerstortte, en dat die beelden geïntegreerd worden in je flitsherinneringen, zodat je ervan overtuigd bent dat je dat vliegtuig echt hebt zien crashen."

Beelden wissen

“What has been seen can't be unseen”, zegt men, maar van sommige beelden wil je misschien niet dat ze je blijven achtervolgen omdat ze te gruwelijk zijn, of te traumatisch. Kan je die beelden op een of andere manier wissen of vermijden dat je ze weer voor je ziet? "Moeilijk, want kijk naar het ‘white bear’ effect. Als je iemand zegt ‘denk vooral niet aan de witte beer!’, dan gaat die dat automatisch net wel doen. Maar er bestaan wel degelijk bepaalde therapieën, oa op basis van slaapdeprivatie. We weten namelijk dat beelden niet zozeer opgeslagen en verwerkt worden op het moment dat we ze zien maar dat dit eerder gebeurt in onze slaap. Door na het zien van ongewenste beelden iemands slaap bewust te verstoren zullen die beelden minder hard bijblijven.”

Radio 1 Select